Kakkerlakken vertonen ninja-achtige trekjes: ze lijken zomaar op te kunnen duiken en ook zomaar weer in het niets te kunnen verdwijnen. En nu is duidelijk hoe de kakkerlak het doet.

Nu zit ‘ie op de tafel. Even met uw ogen knipperen. En nu niet meer. De onderzoekers van de universiteit van Berkeley wisten niet wat ze overkwam toen ze kakkerlakken bestudeerden. De dieren konden van het ene op het andere moment verdwijnen. “Met het blote oog was niet te zien wat er gebeurde,” vertelt onderzoeker Michel Mongeau. En dus zetten de wetenschappers er een hele snelle camera op die precies in de gaten hield wat de kakkerlak deed.

Zo doet hij het
Zo ontdekten de onderzoekers dat de kakkerlak moeiteloos van oppervlakken kan ‘verdwijnen’ door zich met de achterpoten vast te klemmen en vervolgens onder het oppervlak te laten slingeren. Op het onderstaande filmpje (de beelden zijn vertraagd) is dat goed te zien.

G-kracht
De kakkerlak valt niet over het randje, maar rent er op volle vaart op af en duikt van de rand, klemt zich met de achterpoten aan de rand vast (soms zelfs met één achterpoot) en slingert zichzelf naar de andere kant van het oppervlak. Bij dat slingeren komt heel wat G-kracht kijken, zo is in het blad PLoS ONE te lezen. De G-krachten die de kakkerlak ervaart, zijn vergelijkbaar met de G-krachten die wij ervaren wanneer we bungeejumpen.

De techniek van de kakkerlak. Foto's: PLoS ONE 2012.

Op volle snelheid
Dankzij de slingerende beweging hoeft de kakkerlak geen vaart te minderen wanneer deze de rand nadert. Hij weet met zijn slingerende beweging zelfs 75 procent van de energie die hij tijdens het rennen opwekt, te behouden.

De kakkerlak, gekko en robot proberen te verdwijnen. Foto: Jean-Michel Mongeau, Ardian Jusufi & Pauline Jennings / PolyPEDAL Lab UC Berkeley.

Gekko’s
Het is een ideale techniek die de kakkerlakken in staat stelt om heel snel uit het zicht te verdwijnen. Logisch dus dat het dier niet de enige is die er deze techniek op nahoudt. Ook gekko’s kunnen op deze wijze plotseling verdwijnen, zo ontdekten de onderzoekers.

De studie is niet alleen heel interessant voor biologen: de onderzoekers voerden de experimenten in eerste instantie uit om de robotica vooruit te helpen. De technieken van de kakkerlak en gekko maken ze super wendbaar. Een eigenschap die robots nu nog missen. Door kakkerlakken en gekko’s te bestuderen en te imiteren, hopen onderzoekers daar verandering in te kunnen brengen. “Vandaag de dag zijn sommige robots goed in rennen, anderen weer in klimmen, maar slechts enkele robots zijn goed in beiden en in staat om van het ene gedrag naar het andere gedrag te switchen,” vertelt onderzoeker Robert Full. “En dat is nu de uitdaging in de robotica: robots produceren die op complexe oppervlakken van het ene gedrag op het andere kunnen overstappen.” Uiteindelijk moeten deze robots straks in gevaarlijke gebieden, waar hulpverleners niet kunnen of mogen komen, aan het werk.