In onze genen zit heel veel DNA van virussen die onze voorouders ten tijde van de dino’s besmetten. En nu weten we hoe dat komt.

Zeker 90 procent van ons genoom heeft geen functie. Dit deel wordt ook wel de ‘donkere materie’ van ons genetisch materiaal genoemd. In deze ‘donkere materie’ bevinden zich onder meer stukjes DNA van oude virussen. Deze virussen liepen onze voorouders soms tientallen miljoenen jaren geleden al op. De grote vraag was hoe deze virussen in zo’n grote getale in ons genoom zijn terechtgekomen. En die vraag kunnen onderzoekers nu beantwoorden.

Experiment
De onderzoekers bestudeerden het genoom van 38 zoogdieren. Onder deze zoogdieren bevonden zich muizen, maar ook ratten, dolfijnen, olifanten en mensen. De onderzoekers verzamelden genetisch materiaal van oude virussen en vergeleken ze, zo is in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences te lezen.

WIST U DAT…
…wetenschappers onlangs het grootste virus ooit hebben ontdekt?

Snelle toename
Uit het onderzoek blijkt dat één groep virussen niet langer in staat was om nieuwe cellen te infecteren. Het genetische materiaal van deze virussen kan zich nog wel uitbreiden, maar de levenscyclus van het virus vond in één cel plaats. Die verandering – niet langer in staat zijn om andere cellen te infecteren – bleek te resulteren in een snelle toename van het genetische materiaal van het virus in ons DNA. En dat gold niet alleen voor dit virus, maar voor alle virussen. Zodra ze geen andere cellen meer kunnen infecteren, duiken ze dertig keer vaker op in ons genetisch materiaal.

“We vermoeden dat deze virussen gedwongen worden om een keuze te maken: of ‘viraal’ blijven en zich verspreiden onder dieren en soorten of zich op één genoom richten en zich op heftige wijze onder dit genoom verspreiden,” vertelt onderzoeker Robert Belshaw. “Dat is het verhaal van de epidemie in elk genoom, een verhaal dat al 100 miljoen jaar bezig is en ook vandaag de dag gewoon doorgaat.”