De schedels bieden nieuw inzicht in de menselijke migratie door Zuidoost-Azië.

Onderzoekers hebben op het eiland Alor de menselijke overblijfselen opgegraven van de vroeg moderne mens. Het gaat om om twee schedels die tussen de 12.000 en 17.000 jaar oud zijn. De ontdekking is heel bijzonder. Het zijn namelijk de oudste menselijke resten die ooit in Wallacea – een overgangsgebied dat zich uitstrekt tussen de eilanden Java, Papoea-Nieuw-Guinea en Australië – zijn gevonden. De bevindingen zijn gepubliceerd in het vakblad Journal of Human Evolution.

Klein
Het interessantst aan de ontdekking is dat de gevonden schedels opvallend klein zijn. “Dit is een opvallend verschil met andere menselijke overblijfselen uit dezelfde periode die in Australië en in andere delen op het vasteland van Zuidoost-Azië zijn aangetroffen,” vertelt onderzoeker Sofia Samper Carro. “Mensachtigen beschikten over het algemeen over grotere schedels.” Volgens de onderzoeker is de kleine omvang van het hoofd vergelijkbaar met overblijfselen die later in dezelfde regio zijn gevonden en tussen de 7.000 en 10.000 jaar oud zijn.


Eilandeffect
Een mogelijke verklaring voor de verrassend kleine scheldels is het zogenaamde ‘eilandeffect’ of ‘Wet van Foster’. Dit is een principe uit de evolutiebiologie en beschrijft dat mensen en andere grote zoogdieren die op eilanden leven groter of juist kleiner worden afhankelijk van de beschikbaarheid van voedsel en de aanwezige roofdieren in de omgeving. In dit geval zou het goed kunnen dat een gebrek aan voedsel en roofdieren ervoor zorgde dat mensen kleiner werden. “Eerder is al geopperd dat dit mogelijk ook is gebeurd met de Homo floresiensis, beter bekend als ‘de hobbit’,” zegt Samper Carro. “Ook de recent ontdekte Homo luzonensis was mogelijk aan dit lot onderworpen.”

De gevonden schedels ontdekt op het eiland Alor in Indonesië. Afbeelding: Sofia Samper Carro

Migratie
De vondst van de twee schedels biedt ook meer inzicht in de menselijke migratie door Zuidoost-Azië. “We wisten dat de moderne mens zich meer dan 40.000 jaar geleden in Timor en Sulawesi ophield,” zegt Samper Carro. De nieuw ontdekte resten geven echter het eerste fossiele bewijs dat de moderne mens ook in Wallacea aanwezig was. “Het gebied rond Alor was misschien een soort ‘snelweg’,” stelt Samper Carro. “Mensen trokken mogelijk langs deze eilanden om uiteindelijk Australië te bereiken.”

Visgraten
Naast de kleine schedels troffen de onderzoekers op dezelfde plek ook een groot aantal visgraten aan. Bovendien bleek één van de twee schedels samen met vishaken en ornamenten begraven te liggen. Ook konden de onderzoekers uit de vindplaats opmaken dat mensen die het gebied bewoonden op een gegeven moment de plek verlieten en ergens anders naartoe trokken. “Dit kan vanwege veranderingen in het milieu zijn geweest of omdat ze niet genoeg voedsel hadden om te kunnen overleven,” oppert Samper Carro. “Meer opgravingen en onderzoek op Alor zullen ons helpen om deze theorieën te toetsen.”

Volgens de onderzoeker bouwen de bevindingen voort op lang bestaande ideeën over menselijke migratie. “Studies over de menselijke evolutie hebben zich lange tijd gericht op Afrika en Europa,” zegt Samper Carro. Maar nu doen we steeds meer nieuwe kennis op over Azië die eerdere opvattingen uitdagen.” Er is bijvoorbeeld bewijs gevonden dat Homo sapiens eerder in Noord-Afrika en rond het Middellandse Zeegebied aanwezig waren dan eerder gedacht. Tegelijkertijd bevolkten verschillende mensachtigen al andere delen van de wereld. “De menselijke evolutie wordt steeds spannender en complexer,” besluit Samper Carro.