Fossiele botten onthullen nieuwe informatie over de vroege geschiedenis van onze verre neven.

We weten dat de eerste Neanderthalers ongeveer 430.000 jaar geleden over de aarde rondwandelden. Ook weten we dat ze ongeveer 40.000 jaar geleden verdwenen uit Europa en Centraal Azië. Maar wat daar tussenin precies is gebeurd is lastig te ontraadselen. We weten eigenlijk maar heel weinig over de vroege geschiedenis van onze uitgestorven neven. In een nieuwe studie hebben onderzoekers zich gebogen over twee fossielen van Neanderthalers uit Europa. En de botten vertellen een interessant verhaal.

Dijbeen van mannelijke Neanderthaler gevonden in een grot in Duitsland. Afbeelding: Oleg Kuchar, Museum Ulm

Sequencen
De onderzoekers besloten delen van het genoom van twee Neanderthalers te sequencen. Het gaat om een dijbeen van een mannelijke Neanderthaler dat in 1937 in een grot in Duitsland werd ontdekt en het kaakbeen van een meisje dat in 1993 in een grot in België aan het licht werd gebracht. Beide Neanderthalers leefden ongeveer 120.000 jaar geleden en zijn daarmee een stuk ouder dan de meeste Neanderthalers waarvan onderzoekers de genomen in elkaar hebben gepuzzeld.

Europa
Uit de analyse blijkt iets opvallends. De onderzoekers toonden namelijk aan dat deze vroege Neanderthalers uit West-Europa nauw verwant zijn aan Neanderthalers die maar liefst 80.000 jaar later in dezelfde regio woonden. Nauwer zelfs dan aan Neanderthalers die gelijktijdig in Siberië leefden. Anders gezegd, deze vroege Neanderthalers hadden meer gemeen met latere Neanderthalers, dan met hun tijdgenoten. En dat is interessant. De laatste Neanderthalers die 40.000 jaar geleden rondliepen waren dus allemaal afstammelingen van één gemeenschappelijke voorouder. Hierdoor duwt het ook de langdurige bezetting van Europa door deze mensachtigen verder op de tijdlijn terug. “Het resultaat is echt buitengewoon,” zegt onderzoeker Kay Prüfer. “Het staat in schril contract met de turbulente geschiedenis die te zien is bij de moderne mens.”


Naast het nucleair genoom is er ook het DNA in bepaalde organellen, zoals mitochondria en plastiden. Het mitochondriaal genoom is het DNA van de mitochondria.

Mitochondriaal genoom
De studie had echter nog een andere verrassing in petto. Onderzoekers bestudeerden ook het mitochondriaal genoom van de mannelijke Neanderthaler. En in tegenstelling tot het nucleaire genoom verschilt het mitochondriale genoom behoorlijk met dat van latere Neanderthalers, met meer dan 70 afwijkende mutaties. Mogelijk betekent dit dat de vroege Europese Neanderthalers DNA van een nog niet bekende populatie hebben geërfd. “Deze onbekende populatie zou een geïsoleerde groep kunnen zijn die nog moet worden ontdekt,” oppert onderzoeksleider Stéphane Peyrégne. “Het zou ook kunnen dat het afkomstig is van een potentieel grotere populatie in Afrika die gerelateerd is aan moderne mensen.”

Onze oude neven blijven onderzoekers intrigeren. Want niemand begrijpt nog precies hoe het kan dat Neanderthalers uitstierven en de moderne mens voortleefde. Over het algemeen wordt aangenomen dat wij – moderne mensen – ze hebben uitgeroeid. Het zou echter ook kunnen dat het meer een biologische reden had: lag er bijvoorbeeld een daling van de vruchtbaarheid aan ten grondslag?