Zonnevlam is anderhalve dag voor ontstaan al te voorspellen

Nu laten we ons nog verrassen door zonnevlammen en de nare effecten die ze op onze satellieten, astronauten en elektriciteitsvoorziening kunnen hebben. Maar dat gaat veranderen: wetenschappers hebben een manier ontdekt waarop zonnevlammen tot wel een dag van tevoren kunnen worden voorspeld.

Wanneer atomen in radioactieve elementen energie verliezen, komt er gammastraling vrij. Hoeveel gammastraling er vrijkomt, is afhankelijk van de snelheid waarmee radioactive elementen energie verliezen. Lang werd gedacht dat die snelheid constant is. Maar het tegendeel blijkt waar te zijn. In 2006 ontdekten onderzoekers al dat de snelheid waarmee radioactieve elementen energie verloren zo’n 39 uur voordat een grote zonnevlam vrijkwam, veranderde.

Hypothese
Het leidde tot de volgende hypothese. De snelheid van radioactief verval wordt beïnvloed door de activiteit van de zon, mogelijk door stromen van hele kleine deeltjes die we ook wel zonneneutrino’s noemen. Die invloed is de ene keer groter dan de andere keer. Dat zou komen door de afstand die de zon tot de aarde heeft en door zonnevlammen.

Resultaten
Nieuw onderzoek onderschrijft die hypothese. De snelheid waarmee het radioactieve isotoop chlorine-36 vervalt is het grootste in januari en februari en het kleinst in juli en augustus. Dat blijkt uit waarnemingen die tussen juli 2005 en juni 2011 zijn gedaan. Dat wijst erop dat de afstand tussen de zon en de aarde invloed heeft op de snelheid van het radioactieve verval. Als de aarde dichtbij staat (in januari) of heel ver weg staat (in juli) is de snelheid anders. Maar niet alleen de aarde, ook de zonneactiviteit beïnvloedt het radioactieve verval, zo blijkt. Sinds 2006 hebben onderzoekers ook tien zonnevlammen vooraf zien gaan door een verandering in snelheid van radioactief verval. “We hebben herhaaldelijk gezien dat zonnevlammen vooraf werden gegaan door een signaal,” vertelt onderzoeker Ephraim Fischbach. En dat signaal kan ons helpen vast te stellen of een zonnevlam dreigt.

Zonneneutrino’s
Hoe zonnevlammen en de afstand tussen de aarde en zon precies invloed uitoefenen op het radioactieve verval is onduidelijk. Zonneneutrino’s, hele kleine deeltjes die de zon produceert, zijn vooralsnog hoofdverdachte. “Wanneer de aarde ver weg is, komen er minder zonneneutrino’s voor en is de vervalsnelheid ietsje lager,” vertelt onderzoeker Jere Jenkins. “Wanneer we dichterbij zijn, zijn er meer neutrino’s en gaat het verval sneller. (…) Of neutrino’s of een ander onbekend deeltje beïnvloedt de vervalsnelheid.”

WIST U DAT…
…de zon een cyclus die zo’n elf jaar duurt, doormaakt? Tijdens die cyclus is de zon extreem actief (zonnemaximum) en extreem rustig (zonneminimum). Het zonnemaximum komt er weer aan en staat gepland voor 2013. In dat jaar mogen we extra veel zonnevlammen verwachten.

De onderzoekers hebben inmiddels patent aangevraagd op hun manier om zonnevlammen nog voor ze ontstaan op te sporen. Hopelijk leidt het uiteindelijk tot apparatuur die zonnevlammen tot wel anderhalve dag van tevoren kan zien aankomen. Dat kan de aarde voor veel problemen behoeden. Wanneer een grote zonnevlam ontstaat, gaat deze vaak vergezeld door een coronale massa-ejectie: een stroom geladen deeltjes die botsen met de magnetosfeer van de aarde. Dat kan leiden tot geomagnetische stormen die er bijvoorbeeld voor zorgen dat de elektriciteit uitvalt. De laatste keer dat een zonnevlam voor flinke problemen zorgde, was in 1859. “Er kwam zoveel energie vrij bij deze zonnestorm dat de telegraafdraden gloeiden en het noorderlicht zelfs op Cuba te zien was,” vertelt Fischbach. “Omdat we nu zeer verfijnde satellieten, elektriciteitsnetwerken en allerlei andere soorten elektronische systemen hebben, zou een storm van die grootte vandaag de dag een catastrofe zijn.” Als we de zonnevlam anderhalve dag van tevoren zien aankomen, kunnen er echter maatregelen worden genomen om de schade te beperken. Satellieten en elektriciteitsnetwerken kunnen bijvoorbeeld tijdelijk worden uitgeschakeld en astronauten kunnen in veiligheid worden gebracht.

Fout(je) gevonden? Meld het ons!
Bronmateriaal:
"New system could predict solar flares, give advance warning" - Purdue.edu
De foto bovenaan dit artikel is gemaakt door NASA / SDO / AIA .
  • Martin Lelystad

    Een soort eb en vloed op de zon, kan ik me iets bij voorstellen. Maar hoe zit dat dan met de andere planeten? doen die niet mee?

  • Clement

    Er zijn wetenschappers die verwachten dat rond de jaarwisseling een grote zonnestorm zal optreden..2012…the end of the world..? Ben blij dat we gewaarschuwd worden…..geen computers meer voor meerdere maanden…ja, dat is the end of the world…

  • Adriaan

    In januari is onze helft van de aardbol licht afgewend van de zon, vandaar de winter. Het is dus NIET zo dat de aarde in januari verder van de zon staat dan in juli.
    Ik vind dit voor een wetenschappelijk artikel een zeer storende fout.

    Succes met deze goede en leuke site.

    • Tim Kraaijvanger

      Hoi Adriaan. Toch is het zo dat de aarde in de winter dichter bij de zon staat dan in de zomer. Het scheelt circa vijf miljoen kilometer.

      • Anoniem

        U zou normaal beter moeten weten dan dat Tim, het is de schuinheid van de aardse as die zorgt voor de seizoenen op Aarde, niet zozeer de afstand.

        • http://www.scientias.nl/ Tim Kraaijvanger

          Anoniem, ik snap dat het zo werkt. Maar het draait in dit artikel niet om de seizoenen. De seizoenen ontstaan door de kanteling van de aarde. Het verschil tussen zomer en winter in kanteling bedraagt circa 5.000 tot 10.000 kilometer. Dit heeft dus nauwelijks invloed op de afstand aarde-zon.
          Wat wel invloed heeft op de afstand is de baan van de aarde. Die is niet exact cirkelvormig. Het verschil tussen aphelium en perihelium is circa vijf miljoen kilometer. Dit verschil heeft echter nauwelijks invloed op de temperatuur op aarde, omdat de kanteling daar vooral voor zorgt.
          In het bovenstaande artikel gaat het over radioactieve straling en de afstand van de aarde tot de zon. En juist de baan van de aarde om de zon (en niet de wisseling van de seizoenen) heeft de grootste invoed op de afstand.

          • Anoniem

            You have a point.

      • Adriaan

        Bedankt voor je reactie. Ik heb even wat andere bronnen geraadpleegd, maar het klopt. Dat januari bij mij ‘winter’ en dus ‘hellingshoek’ deed ‘oplichten’ zat in mijn hoofd en niet in dit artikel.
        De crux van het artikel is dus dat als wij de halveringstijd van radioactieve stoffen zien veranderen dat we dan zonnenvlammen *) mogen verwachten. Dat lijkt me lastig.

        *) itt de Taalunie vind ik dat er WEL een meervoud is bij zon (en bij koningin), vandaar de tussen-n.