Heeft de eerste bemande maanmissie de ruimtevaart veranderd? En wat nemen we ervan mee naar toekomstige maanmissies?

“That’s one small step for a man, one giant leap for mankind,” schalde het 50 jaar geleden door de luidspreker van menig televisie. Op 21 juli 1969 zat de hele wereld aan de buis gekluisterd toen astronaut Neil Armstrong de befaamde woorden sprak en zijn eerste stapje op de maan zette. Het was een uitzonderlijke gebeurtenis: de mens bleek in staat te zijn in een vaartuig naar een ander hemellichaam af te reizen, veilig te landen, over het oppervlak te lopen en dat allemaal ook nog eens live te filmen. “Het is een van de grootste prestaties die de mensheid voor elkaar heeft gekregen,” zegt Rob van den Berg, directeur van Space Expo, die zich de maanlanding nog goed herinnert. Vandaag blikken we terug op deze mijlpaal en kijken we tegelijkertijd ook vooruit: want het belooft opnieuw een interessante tijd voor ruimtereizen te worden waarin wederom de ogen gericht zijn op de maan.

Kennedy’s Speech
Op 25 mei 1961 gaf John F. Kennedy, de toenmalige president van de Verenigde Staten, de beroemde speech waarin hij het doel om astronauten voor het einde van het decennium naar de maan te sturen uiteenzette. Niemand had echter verwacht dat dit acht jaar later al werkelijkheid werd. Terugkijkend met de kennis van nu kunnen we niet anders dan concluderen wat een bijzondere prestatie het eigenlijk was. “De ruimtetechnologie was op dat moment nog hartstikke jong, die stond nog in de kinderschoenen,” zegt Van den Berg. “Het is de Verenigde Staten binnen tien jaar gelukt om het hoogst haalbare voor elkaar te krijgen. En dan zie je wat er kan op het moment dat er een wil is. En natuurlijk geld.” Die wil kwam niet uit het niets. Op dat moment liep de Sovjet Unie op het gebied van ruimtereizen een stuk voor. Zij lanceerden in 1957 al de Spoetnik 1 (de eerste kunstmatige satelliet) en brachten datzelfde jaar nog hondje Laika in een baan rond de aarde. Ook de eerste mens in de ruimte en de eerste ruimtewandeling staan op naam van de Sovjet Unie. Dat konden de Verenigde Staten niet zomaar negeren. En dus was de ruimtewedloop een feit: wie krijgt er als eerste een mens op de maan? Want dat was de ultieme manier om voor eens en voor altijd uit te maken wie de machtigste was.


“Het is de Verenigde Staten binnen tien jaar gelukt om het hoogst haalbare voor elkaar te krijgen”

Naar de maan
De Verenigde Staten brachten de knapste koppen van het land bij elkaar en pompte er veel geld in. “De wil was groot en de missie had een enorme symbolische waarde. De Verenigde Staten moesten dit winnen,” legt van den Berg uit. “En dan zie je wat er kan op het moment dat iedereen gefocust is op hetzelfde doel, met de technologie van toen.” De Sovjet Unie moest al gauw zijn meerdere in de Verenigde Staten erkennen. Dat bleek eigenlijk al bij Apollo 8: de eerste bemande missie rond de maan. “Kijk je naar de volgorde van de Apollo missies, dan zie je dat er iets niet klopt,” zegt Van den Berg. “Apollo 8 ging namelijk al naar de maan, terwijl Apollo 9 bij de aarde bleef. Apollo 11 leverde vervolgens pas de eerste mensen af op de maan. In dit licht is het eigenlijk heel gek dat Apollo 8 al naar de maan vloog. En dat was puur om de Sovjet Unie af te schrikken en te laten zien hoe ver de Verenigde Staten al waren.” Bovendien waren de Verenigde Staten bereid risico te nemen. “Tegenwoordig zie je dat ruimtevaartorganisaties juist risico’s willen beperken, ze willen natuurlijk nooit mensenlevens op het spel zetten. Daarom duurt het ontwikkelen van missies ook zo lang. Maar destijds was de enige manier om vaart te maken om juist wel risico te nemen. Het risico op een mislukking bij de maanlanding werd door de NASA geschat op zo’n 10 procent. Volgens huidige standaards is dat onacceptabel hoog.”

De Apollo-missies
Het Apollo-programma van NASA stond volledig in het teken van bemande missies naar de maan. Tijdens de eerste vier vluchten werd de apparatuur uitvoerig getest. Zes van de zeven andere vluchten landden vervolgens op de maan. Hieronder een overzicht van de bemande missies:
Apollo 7: test van de commando-/servicemodule rond de aarde (1968)
Apollo 8: bemande missie rond de maan (1968)
Apollo 9: test van de Lunar Module rond de aarde (1969)
Apollo 10: generale repetitie, test van de Lunar Module rond de maan (1969)
Apollo 11: eerste maanlanding (1969)
Apollo 12: tweede maanlanding (1969)
Apollo 13: had op de maan moeten landen, maar moest wegens een storing terug (1970)
Apollo 14 t/m 17: maanlandingen (1971 – 1972)

De maanlanding
Op 16 juli 1969 was het dan zover. De Saturnus V-raket met de LM Eagle (de maanlander) en de CSM Colombia (commando- en servicemodule) kozen het luchtruim. De maanlander landde op 20 juli 1969 op het oppervlak van de maan. Enkele uren later, op 21 juli 1969, zette Neil Armstrong vervolgens zijn voet op de maan, terwijl de wereld toekeek. “Ik was vijf toen het gebeurde,” herinnert Van den Berg zich, “en werd door mijn ouders midden in de nacht uit bed gehaald. Het was een bijzonder moment waarbij de mensheid echt iets uitzonderlijks neerzette.” Tegelijkertijd bewezen de Verenigde Staten waartoe zij in staat waren. “De Verenigde Staten hebben zichzelf ermee als grootmacht neergezet: ‘met ons valt niet te spotten, want wij kunnen mensen op de maan zetten’,” zegt Van den Berg. “Het heeft veel respect afgedwongen.”

Apollo 11 kiest het luchtruim: het begin van een van de grootste prestaties in de menselijke geschiedenis. Afbeelding: NASA

Complottheorieën: was het wel echt?
Dat gebeurde echter niet bij iedereen. Want al gauw klonken er geluiden of de maanlanding wel echt was. Sommigen claimden dat het niet echt gebeurd kon zijn en door de Amerikanen in scene is gezet. “Natuurlijk, waar grote dingen gebeuren zijn er altijd mensen die er complotten achter zoeken en zeggen dat het niet waar is,” stelt Van den Berg. “Dat is bijna een vast gegeven. Ik denk echter niet dat er heel veel twijfel is gezaaid. Het zou ook wel raar zijn als je het ontkent. Want als zoiets groots nep is, dan kan het niet anders dan dat het op een bepaald moment gelekt zou zijn. Media zouden er veel geld voor over hebben om het ‘ware’ verhaal te horen. Iemand zou daarvoor zijn gezwicht. Alleen al om op die manier te redeneren kun je theorieën die beweren dat we nooit op de maan zijn geweest naar het rijk der fabelen verwijzen.” Bovendien is er veel bewijs dat de maanlanding echt gebeurd is. “We weten dat het kan, er is geen natuurwet die zegt dat het onmogelijk is,” zegt Van den Berg. ”Daarnaast kloppen alle details en is er veel archiefmateriaal. Ook kloppen alle verhalen. Als het nep zou zijn zou je nooit al die verhalen op elkaar afgestemd krijgen. Ten slotte zijn er foto’s van huidige satellieten waarop de landingsplekken van de maanlander duidelijk te zien zijn.”


Veranderingen in de ruimtevaart
Je zou verwachten dat de eerste man op de maan een grote verandering teweeg zou brengen op het gebied van ruimtevaart. Maar gebeurde dat ook? “Dat valt best tegen,” betoogt Van den Berg. “Ook ik dacht dat dit het begin zou zijn van het ruimtevaarttijdperk waarin we echte ruimtereizen zouden gaan maken. We zouden op de maan gaan wonen en werken en je zou als toerist op vakantie kunnen in de ruimte. Maar dat is – zoals we allemaal weten – niet gebeurd.” Natuurlijk hebben ruimtevaartorganisaties de afgelopen vijftig jaar niet stil gezeten. Zo zijn er meerdere sondes het heelal in gestuurd – denk bijvoorbeeld aan de Voyagers die zelfs het zonnestelsel verlieten – maar qua bemande ruimtereizen zijn we niet veel opgeschoten. “Als astronaut kom je niet veel verder dan het ISS. En wat dat betreft is het best een beetje gek dat het na de maanlanding niet verder is opgepakt. In dat opzicht heeft het de ruimtevaart juist niet veranderd.” Je zou kunnen stellen dat de Verenigde Staten op hun hoogtepunt zijn gestopt. “Zo’n maanmissie met mensen is ongelofelijk duur en bovendien erg riskant. In die tijd was het de vraag wat je ermee opschoot. De Verenigde Staten hadden de ruimterace immers gewonnen. Ook wetenschappelijk gezien viel er in die tijd niet meer veel op de maan te halen.”

Voyagers verlaten de hemisfeer en bevinden zich in de interstellaire ruimte. Afbeelding: NASA / JPL-Caltech

Opnieuw naar de maan
Maar daar gaat verandering in komen. Op dit moment staan de Verenigde Staten – maar ook China en Rusland – te popelen om met astronauten aan boord naar onze natuurlijke satelliet af te reizen. Politieke belangen zijn wederom een belangrijke drijfveer. “China liet weten serieuze plannen te hebben om mensen op de maan neer te zetten. Zodra dat nieuws werd, konden de Verenigde Staten niet achterblijven,” zegt Van den Berg. “Dat politieke element en machtsevenwicht in de ruimte speelt nu weer opnieuw.” Daarnaast is ook wetenschap een belangrijke reden. “We weten nog steeds niet hoe de maan precies is ontstaan,” gaat Van den Berg verder. “Onze robots zijn nog niet geavanceerd genoeg om mensen volledig te kunnen vervangen. Willen we nieuw onderzoek op de maan uitvoeren, dan zullen we er zelf naartoe moeten. Bovendien is de maan een belangrijke springplank voor andere missies in ons zonnestelsel en dan in het bijzonder naar Mars.” Op dit moment werkt NASA bijvoorbeeld aan een ruimtestation op de maan, de Lunar Gateway, waar vandaan intensief onderzoek gedaan kan worden naar de maan. Alle kennis die hierbij wordt opgedaan moet de mensheid klaarstomen voor een verblijf op de – aanzienlijk verder van ons verwijderde – rode planeet. Maar ook andere zaken maken de maan op dit moment aantrekkelijk. “We zijn op dit moment op zoek naar manieren voor schonere energiebronnen,” legt Van den Berg uit. “En op de maan bevinden zich belangrijke delfstoffen, denk bijvoorbeeld aan helium-3. Hiermee zouden we wellicht op een schone manier kernfusie kunnen doen.”

“Willen we nieuw onderzoek op de maan uitvoeren, dan zullen we er zelf naartoe moeten”

Wat nemen we mee?
Nu de vervolgplannen om wederom naar de maan af te reizen steeds concreter worden, is het de vraag of we iets van die eerste bemande missie in de voorbereidingen kunnen meenemen. “Relatief weinig,” moet Van den Berg toch stellen. “Het is al heel lang geleden en in de tussentijd is er veel kennis verloren gegaan. Ik denk dat we veel dingen opnieuw moeten bedenken. Natuurlijk weten we wel veel meer. Denk bijvoorbeeld aan de omstandigheden op de maan, zoals de temperatuur, straling en inslagen van meteorieten. We kunnen ons beter voorbereiden om op een zo’n veilig mogelijke manier mensen op de maan af te leveren. De eerste maanlanding was echt bedoeld om de machtspositie te bevestigen. Nu kijken we meer naar de functionaliteit: wát gaan we er precies doen en hóe gaan we dat doen?”

Al met al belooft het een interessante tijd te worden, waarin we op het gebied van ruimtevaart weer grote stappen gaan zetten. “De afgelopen vijftig jaar waren we druk met andere dingen,” zegt Van den Berg. “Maar nu is de tijd weer rijp voor de maan.” Hoe de toekomst er precies gaat uitzien is nog koffiedik kijken. NASA wil graag in 2024 weer mensen op de maan zetten (dat is al over vijf jaar!), maar ook de Chinezen zitten niet stil. Hoewel er genoeg plannen in omloop zijn, is het de vraag hoe snel landen dit voor elkaar kunnen krijgen. Maar één ding is zeker: de volgende bemande maanmissie? Die komt er.