In september 2001 stierven veel meer mannelijke foetussen dan anders en in december van dat jaar werden veel minder jongetjes geboren dan normaal gesproken het geval was. Uit onderzoek blijkt nu dat dat geen toeval was. Het nationale gevoel kostte de baby’s de kop.

Zelfs sommige vrouwen die niet direct of indirect te lijden hadden onder de aanslag op het World Trade Center, verloren hun kindje. Volgens de onderzoekers is dat te wijten aan een gemeenschappelijk verdriet.

Stress
Geheel Amerika had na de aanslagen met stress en spanningen te maken en dat had gevolgen voor de ongeboren kinderen. “Onze resultaten lijken dit te illustreren,” meent onderzoeker Tim Bruckner. “De schokkende gebeurtenissen van 9/11 hebben de levens van de mannelijke baby’s kriskras door de VS wellicht bedreigd.”

Miskraam
Bruckner vergeleek het aantal miskramen in 2001 in alle vijftig staten met de gegevens van voorgaande jaren. In september 2001 bleken er 3 procent meer mannelijke foetussen verloren te zijn gegaan dan normaal.

Dat dit alleen optrad bij de jongetjes is volgens Bruckner niet nieuw. “Bij heel veel soorten zorgt stress ervoor dat het aantal geboren jongetjes afneemt. Men neemt aan dat dit een evolutionair mechanisme is dat ervoor moet zorgen dat de moeder zich over het algemeen succesvol voortplant.” De stress en spanning zou er immers voor kunnen zorgen dat het kindje gehandicapt ter wereld komt en evolutionair gezien geen schijn van kans maakt.