Zolang ze samen reizen, kan in ieder geval een deel van de groep de rode planeet heelhuids bereiken.

Dat stellen onderzoekers in het blad Frontiers in Microbiology. Ze baseren zich onder meer op een langlopend experiment aan boord van het internationale ruimtestation.

Deinococcus
Een hoofdrol was tijdens dat experiment weggelegd voor de bacteriën uit het geslacht Deinococcus. In 2018 toonden onderzoekers al aan dat deze bacteriën hoog in de lucht – op zo’n 12 kilometer afstand van het aardoppervlak – gedijen en onder meer prima bestand zijn tegen UV-straling. Het riep de vraag op of deze bacteriën – die zelfs met het blote oog zichtbare koloniën kunnen vormen – ook een verblijf in de ruimte kunnen overleven.


ISS
De onderzoekers namen voor dit nieuwe onderzoek de proef op de som. Ze plaatsten verschillende koloniën Deinococcus aan de buitenzijde van het internationale ruimtestation en lieten ze daar één, twee of drie jaar zitten. Daarna keken ze of de bacteriën het experiment hadden overleefd.

Een Japanse astronaut zet het experiment met de bacteriën klaar aan boord van het ISS. Afbeelding: JAXA / NASA.

Resultaten
En zelfs na drie jaar bleken de koloniën – zolang ze maar dikker waren dan 0,5 millimeter – nog levende bacteriën te bevatten. De bacteriën aan het oppervlak van de kolonie hadden door de extreme omstandigheden waaraan ze in de ruimte werden blootgesteld allemaal het loodje gelegd. Deze dode bacteriën vormden echter een beschermend laagje voor de bacteriën eronder, die hun langdurige verblijf in de ruimte zo konden overleven.

De bacteriën aan de buitenzijde van het ISS. Afbeelding: JAXA / NASA.

Jaren in de ruimte
Afgaand op het aantal levende bacteriën dat onderzoekers na één, twee en drie jaar nog in de koloniën aantroffen, gaan ze ervan uit dat deze bacteriën het nog veel langer buiten het ISS zouden kunnen volhouden. Zo zouden bacteriën in een 0,5 millimeter dikke kolonie naar schatting tussen de 15 en 45 jaar stand kunnen houden nabij het ISS. En zeker een deel van de bacteriën in een iets dikkere kolonie – met een diameter van 1 millimeter – zou het aanzienlijk verder in de ruimte tot wel acht jaar kunnen uithouden, zo verwachten de onderzoekers. “De resultaten suggereren dat de radioresistente Deinococcus de reis van aarde naar Mars en vice versa zouden kunnen overleven,” zo stelt onderzoeker Akihiko Yamagishi. Een reis naar Mars duurt in het gunstigste geval namelijk zo’n negen maanden.


Massaspermie
Waar eerdere onderzoeken al aantoonden dat bacteriën langdurig in de ruimte kunnen overleven wanneer ze bijvoorbeeld beschermd worden door het gesteente waarin ze zitten opgesloten. Maar nu is voor het eerst aangetoond dat bacteriën een langdurig verblijf in de ruimte ook kunnen overleven als ze enkel beschermd worden door soortgenoten. Het suggereert dat er naast panspermie – een hypothese die stelt dat het leven wijdverspreid in de ruimte voorkomt en zich bijvoorbeeld middels botsingen tussen hemellichamen of meteorietinslagen van het ene naar het andere hemellichaam kan verspreiden – ook wel eens sprake kan zijn van ‘massaspermie’, waarbij bacteriën zich groepsgewijs door het heelal verspreiden.

Meer onderzoek
Hard bewijs voor panspermie – waarbij men er dus eigenlijk vanuit gaat dat ook het leven op aarde niet hier ontstaan is, maar een buitenaardse oorsprong kent – ontbreekt momenteel. Dat komt simpelweg doordat er op dit moment geen bewijs is dat er ook buiten de aarde leven te vinden is. En ook massaspermie blijft vooralsnog een hypothese. Hoewel het onderzoek van Yamagishi en collega’s voorzichtig suggereert dat micro-organismen het langdurig in de ruimte kunnen uithouden en panspermie of massaspermie dus zeker nog niet kan worden uitgesloten, is nog veel meer onderzoek nodig om uit te zoeken hoeveel de bacteriën werkelijk kunnen hebben. Zo is bijvoorbeeld nog niet bewezen dat bacteriën het proces waarbij ze – bijvoorbeeld door een meteorietinslag – vanaf hun thuisplaneet de ruimte in worden geslingerd en vervolgens ook de landing op een ander hemellichaam kunnen overleven.

Onderzoeken zoals die van Yamagishi en collega’s, waarbij de haalbaarheid van panspermie getoetst wordt, hebben implicaties voor de zoektocht naar buitenaards leven. Maar mogelijk ook voor de oorsprong van leven op aarde. “De oorsprong van leven op aarde is één van de grootste mysteries van de mensheid,” aldus Yamagishi. “Wetenschappers hebben er totaal verschillende ideeën over. Sommigen denken dat leven zeldzaam is en slechts één keer in het universum ontstaan is, terwijl anderen denken dat het leven op elke geschikte planeet kan ontstaan. Als panspermie mogelijk is, moet leven veel vaker voorkomen dan we eerder dachten.”