Afrikaanse landen werken hard aan een enorme muur van bomen die de Sahara tegen moet houden. En het werk vordert gestaag.

De woestijn trekt steeds verder op richting het zuiden en verkleint het leefbare gebied in Afrika sterk. Waar ooit boerderijen stonden, ligt nu een dikke laag droog zand.

Plan
De Afrikanen lieten het er echter niet bij zitten en kwamen met een ambitieus plan: een muur van bomen. De muur moet van oost naar west gaan lopen. De eerste boom moest in Senegal komen te staan en van daaruit loopt de muur door Mauritanië, Mali, Burkina Faso, Niger, Nigeria, Tsjaad, Soedan, Eritrea, Ethiopië en stopt in Djibouti.

Senegal
De muur krijgt een lengte van meer dan 7500 kilometer. Het werk begon in 2008 en vordert nu gestaag. In Senegal zijn al veel bomen neergezet. De lokale bevolking heeft het er druk mee, maar kan hulp verwachten van diverse internationale vrijwilligers.

De muur doet de Afrikanen tenslotte goed: het levert werkgelegenheid op. Maar ook op de lange termijn kan deze muur de Afrikanen redden. Uit rapporten van de Verenigde Naties blijkt dat – zonder ingrijpen – maar liefst tweederde van het Afrikaanse akkerland in 2025 plaats moet maken voor woestijn. Het rijtje bomen moet het land uit de klauwen van de woestijn redden.

Bovenstaande foto laat een acaciaboom zien: de boom die gebruikt wordt om de muur te ‘bouwen’. Foto: saragoldsmith (cc via Flickr.com).