Opnieuw moet Marslander InSight, gebouwd door de knapste koppen op aarde, zijn meerdere erkennen in de ondoorgrondelijke Marsgrond.

Vorig jaar zette NASA de Marslander InSight op de rode planeet. De verwachtingen waren hooggespannen. Want deze lander zou voor het eerst diep onder het Martiaanse oppervlak metingen gaan uitvoeren. Om dat te kunnen doen, was de lander uitgerust met een boorsysteem dat een vijf meter diep gat in Mars zou gaan boren en met behulp van sensoren op verschillende dieptes de temperatuur zou meten. Zo zouden we eindelijk te weten komen hoeveel warmte er nog uit het binnenste van Mars komt zetten en dat verraadt weer meer over het ontstaan van de rode planeet. Op papier was het een prachtig plan en ook simulaties op aarde, uitgevoerd met een replica van InSight, suggereerden dat het zou gaan lukken. Maar we hebben Mars – of beter gezegd: de Marsgrond – onderschat.

Probleempje
Amper een maand nadat InSight de boor op het oppervlak van Mars installeerde, gaf deze er – na zo’n 30 centimeter te hebben geboord – de brui aan. Wat NASA ook probeerde: de boor kwam niet dieper. De oorzaak? Onwillige Marsgrond. Bij het ontwerp van de boor waren de onderzoekers ervan uitgegaan dat de Marsgrond enige weerstand zou bieden, maar dat doet de grond rond InSight onvoldoende, waardoor de boor niet dieper komt, maar meer zijwaarts beweegt (net zoals een ‘gewone’ boor op aarde doet, als je ‘m niet hard genoeg op de te boren ondergrond duwt). Natuurlijk liet NASA zich niet zomaar uit het veld slaan. Er werd een oplossing bedacht, waarbij de robotarm van InSight wordt ingezet om de zijwaartse bewegingen van de hamerboor te beperken en de boor te dwingen om de diepte in te gaan. En dat leek te werken, zo meldde NASA vorige week.


Hier zie je het succesje van vorige week. De schep aan het uiteinde van de robotarm van InSight duwt tegen de hamerboor en helpt deze om diepte te maken. Deze beelden laten zien hoe de hamerboor ongeveer 1 centimeter diep boort. Afbeelding: NASA / JPL-Caltech.

Weer een probleem
Maar het lijkt erop dat we te vroeg hebben gejuicht. Na al het getob van de afgelopen weken is de boor namelijk weer half uit het nieuwe geboorde gat – van, jawel, enkele centimeters diep – komen zetten (zie de beelden hieronder).

Afbeelding: NASA / JPL-Caltech.

Over de oorzaak kan NASA kort zijn: “Voorlopig onderzoek wijst erop dat de grond op Mars ongebruikelijke eigenschappen heeft.”

Nieuw plan
Voor nu moet het boorsysteem dus opnieuw zijn meerdere erkennen in de ondoorgrondelijke Marsgrond en lijkt het boren van een vijf meter diep gat in de rode planeet verder weg dan ooit. Maar ook nu laat NASA het er na al dat knullige gehannes op de rode planeet niet bij zitten. Er wordt reeds nagedacht over een andere benadering (waarbij de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie natuurlijk wel moet roeien met de riemen die deze op Mars heeft). Een eerste stap is het analyseren van het probleem en daarvoor zou de robotarm eigenlijk even opzij moeten worden geschoven, zodat onderzoekers de hamerboor en het geboorde gat goed kunnen zien. Onduidelijk is echter of het op dit moment mogelijk is om de robotarm veilig weg te halen. De komende dagen buigen wetenschappers zich over alle verzamelde data om daar meer duidelijkheid over te verkrijgen en een vervolgplan op te kunnen stellen.


Terwijl de hamerboor en robotarm op Mars een show weggeven die Buurman & Buurman doet verbleken, werkt het andere instrument dat InSight op Mars heeft gezet – de Seismic Experiment for Interior Structure, kortweg SEIS – gelukkig wel naar behoren. Het instrument heeft al meerdere marsbevingen geregistreerd en op basis van de data die SEIS registreert, kan men waarschijnlijk uiteindelijk een fraaie reconstructie maken van het binnenste van Mars, wat weer kan helpen verklaren waarom de aarde en Mars die miljarden jaren geleden zo sterk op elkaar leken, nu zo verschillend zijn.