honger

Als we trek hebben, zijn we sterker geneigd om achter de verzorgingsstaat te staan. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek. Het bewijst maar weer eens dat ook politieke overtuigingen niet altijd het resultaat zijn van zorgvuldige afwegingen, maar eveneens ten prooi vallen aan lichamelijke prikkels, zoals bijvoorbeeld een hongerig gevoel.

Onderzoekers van de Deense Aarhus Universiteit verzamelden een aantal proefpersonen en gaven ze de opdracht om gedurende vier uur niets te eten. Vervolgens kreeg de helft van de proefpersonen een suikerhoudend drankje. De andere helft kreeg een drankje zonder suiker. “Eén groep had een hoge bloedsuikerspiegel, de andere groep had een lage bloedsuikerspiegel,” legt onderzoeker Lene Aarøe uit. Vervolgens beantwoordden de proefpersonen enkele vragen waaruit bleek of ze een voor- of tegenstander van de verzorgingsstaat waren.

Politiek
De proefpersonen die hongerig waren (en dus een lagere bloedsuikerspiegel hadden), bleken sterker dan de proefpersonen met een hoge bloedsuikerspiegel geneigd om het idee van een verzorgingsstaat te steunen. Het suggereert dat de staat van ons lichaam een grote invloed heeft op de positie die we omtrent politieke kwesties innemen.

WIST U DAT…

…het lastig is om uw hongergevoel te stillen met light-producten? Lees hier waarom!

Niet zo nobel
Maar waarom zijn hongerige mensen een grotere voorstander van de verzorgingsstaat (oftewel een staat waarin we delen)? Zorgt de honger ervoor dat mensen eerder geneigd zijn om te delen en mensen die het slechter getroffen hebben dan onszelf te helpen? Of zijn we als we trek hebben, voorstander van de verzorgingsstaat omdat we daar zelf een slaatje uit kunnen slaan? Het laatste, zo blijkt uit een tweede experiment. De onderzoekers gaven de hongerige en niet-hongerige proefpersonen geld dat ze konden delen met een ander of zelf konden houden. Hoewel de hongerige proefpersonen eerder hadden aangeven dat ze het belangrijk vonden om anderen te helpen – één van de eigenschappen van een verzorgingsstaat – waren ze toch niet sterker dan de niet-hongerige mensen geneigd om hun geld te delen. De onderzoekers concluderen dan ook dat hongerige mensen geen voorstander zijn van de verzorgingsstaat, omdat ze zich zorgen maken over het lot van (armere) anderen. Ze zijn een grotere voorstander van de verzorgingsstaat omdat ze daar zelf voordeel uit kunnen halen.

Het onderzoek toont aan dat de staat van ons lichaam invloed heeft op onze politieke keuzes. Om te begrijpen waarom dat is, moeten we in onze geschiedenis duiken, stelt onderzoeker Michael Bang Petersen. “Tijdens onze evolutie was het altijd heel belangrijk dat je jezelf ervan verzekerde dat je voldoende voedsel had.” Maar omdat wij mensen vrij sociaal zijn, hadden we altijd nog een plan B als de jacht misliep. “We konden mensen die het beter hadden dan onszelf vragen om hun restjes met ons te delen. En als we een aantal antropologische studies moeten geloven is dat exact wat mensen overal ter wereld doen. Het punt is dat onze politieke meningen bepaald worden door rationaliteit, maar dat het wel om een rationele impuls gaat die we nog van onze voorouders hebben overgehouden.”