Wanneer de spin seksueel volwassen wordt, veranderen zijn prioriteiten. En ook zijn ogen.

Tot die verrassende conclusie komen onderzoekers van de universiteit van Nebraska-Lincoln. Hun onderzoek draait om de spinnensoort Deinopis spinosa.

Grote ogen
Jongvolwassen mannetjes die tot deze soort behoren, hebben gigantische ogen. Die komen goed van pas als de mannetjes een prooi die ‘s nachts in hun web beland, buit moeten zien te maken. Maar die enorme ogen blijken een gigantische verandering te ondergaan als de spinnen volwassen worden. Hun tweede paar ogen wordt dan maar liefst 25 procent kleiner, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Hier zie je de veranderingen die de ogen van mannelijke en vrouwelijke spinnen (zie onderstaand kader voor meer informatie daarover) veranderen wanneer zij volwassen worden. Afbeelding: Springer Nature / Scientific Reports.

Waarom?
Wanneer de mannetjes die tot deze spinnensoort behoren volwassen worden, komt hun leventje op zijn kop te staan. De spinnen verliezen een vaardigheid – ze zijn niet langer in staat om een web te bouwen – en krijgen er eentje bij – ze zijn nu in staat om te paren. In plaats van nachtenlang in een web te hangen en toe te slaan als een prooi nietsvermoedend in het web beland, moet de spin nu zelf rond gaan wandelen op zoek naar een partner. “Die gedragsverandering is echt waanzinnig,” stelt onderzoeker Jay Stafstrom hierover. En die waanzinnige gedragsverandering lijkt ook de reden te zijn voor de verandering van het tweede paar ogen van de mannetjes. Deze ogen zijn namelijk voornamelijk ontwikkeld om beweging te detecteren. En dat is handig als je in een web hangt, maar wat minder noodzakelijk als je zelf rondwandelt. Bovendien kan een volwassen mannetje de energie die het onderhoud van deze grote ogen vereist waarschijnlijk wel beter gebruiken. “De grote ogen detecteren bewegingen, maar als de vrouwtjes gewoon ergens zitten en de mannetjes rondlopen, hebben de mannetjes weinig aan die ogen.” En dus investeren ze er minder in, waardoor de ogen krimpen.

In het brein van de spin
Onderzoek wijst uit dat niet alleen de ogen van de mannetjes kleiner worden. Ook het hersengebied dat beweging – het domein van dat tweede paar ogen – verwerkt, krimpt. Dit hersengebied maakt bij een jongvolwassen spin nog zo’n 12 procent van het brein uit. Bij volwassen spinnen beslaat hetzelfde hersengebied slechts minder dan 9 procent van het brein. Het lijkt misschien een kleine verandering, maar dat is het niet. Zeker niet als je er rekening mee houdt dat de zenuwcellen in het brein zo’n 10 keer meer energie nodig hebben om te functioneren dan de meeste andere weefsels. En dat is natuurlijk zonde als die neuronen en het hersengebied waar ze bijhoren eigenlijk niet meer zo relevant zijn. “Als de mannelijke spinnen niet meer afhankelijk zijn van het detecteren van beweging, moeten ze stoppen met het detecteren van beweging. Als ze dat niet doen, sterven ze waarschijnlijk sneller.”

Bij de vrouwen

Niet alleen de ogen van de mannetjes veranderen wanneer zij volwassen worden. Ook de ogen van de vrouwtjes ondergaan een verandering. Het tweede paar ogen van de vrouwtjes wordt gemiddeld 21 procent groter. Het is goed te verklaren: in tegenstelling tot de mannetjes blijven de vrouwtjes ook als ze volwassen worden middels een web op prooien jagen. Bij de vrouwtjes neemt ook de omvang van het eerste paar ogen toe – maar wel veel minder dan bij de mannetjes – en wel met enkele procenten.

Het eerste paar
Terwijl het tweede paar ogen van de mannetjes krimpt en ook het daarmee samenhangende hersengebied een verandering ondergaat, gebeurt het tegenovergestelde met het eerste paar ogen van het mannetje. Die ogen worden zo’n 36 procent groter. Dat eerste paar ogen is vele malen kleiner dan het tweede en helpt de spin om vormen en details te zien. “Hoe dat een volwassen mannetje helpt, is onduidelijk,” stelt Stafstrom. “Het zijn spinnen die een web bouwen en goed in staat zijn om vibraties aan te voelen en dus waarschijnlijk wanneer ze het web van een vrouwtje instappen al wel weten waar het vrouwtje is.” Tegelijkertijd moeten we de taak die het mannetje heeft – een vrouwtje versieren – ook niet onderschatten. “Het vrouwtje kan hem opeten, dus misschien verkleint het (het grotere eerste paar ogen, red.) op de één of andere manier de kans dat de mannetjes worden opgegeten.”

De onderzoekers verbazen zich over hun eigen bevindingen. De veranderingen die de mannelijke D. spinosa ondergaat, zijn bizar. Van een geducht roofdier verandert het mannetje in een kwetsbare bijstander, niet langer in staat om prooien te vangen. “Er zijn veel onderzoeken die hebben aangetoond dat in sterk van elkaar verschillende leefgebieden in andere zintuiglijke systemen geïnvesteerd wordt. Maar zo’n dramatische verandering zien in het leven van een individu, dat is heel ongebruikelijk.”