Onderzoekers hebben in het Museum of Fine Arts (Boston) een tijdcapsule geopend die in 1795 werd begraven. In de tijdcapsule werden onder meer 24 munten, vijf kranten en een zilveren gedenkplaat aangetroffen.

De tijdcapsule werd in 1795 voor het eerst weggestopt door gouverneur Samuel Adams, oorlogsheld Paul Revere en kolonel William Scollay. Ze plaatsten de tijdcapsule in de hoeksteen van het parlementsgebouw van Massachussetts. In 1855 werd de tijdcapsule verwijderd en geopend. De objecten die erin zaten, werden toen gedocumenteerd en schoongemaakt. Vervolgens werden enkele andere objecten toegevoegd, waarna de tijdcapsule opnieuw werd opgeborgen.

Opgegraven
Op 11 december 2014 werd de tijdcapsule opgegraven. Daarna onderging deze een röntgenscan waarop onder meer verschillende zilveren en koperen munten (stammend uit de periode tussen 1652 en 1855) te zien waren. Op basis van de in 1855 opgestelde documenten wisten onderzoekers bovendien al dat in de tijdcapsule een koperen medaille met daarop George Washington, kranten en kaartjes zaten.

Inhoud
En gisteren kon de tijdcapsule dan eindelijk geopend worden. In de capsule werden een zilveren gedenkplaat, een gevouwen titelpagina, 24 munten, vijf kranten en een papieren afdruk van het zegel van het Gemenebest aangetroffen.

Onderzoekers zullen de objecten die in de tijdcapsule zaten verder bestuderen en eventueel maatregelen treffen om ervoor te zorgen dat ze ook voor toekomstige generaties behouden blijven. De objecten zullen kort in het museum tentoongesteld worden om vervolgens weer in de hoeksteen van het parlementsgebouw van Massachussetts te worden geplaatst. Mogelijk worden er voorafgaand aan de terugplaatsing nog enkele objecten uit onze tijd aan toegevoegd.