Mensen die zich gedurende de hongerwinter (1944-1945) nog in de baarmoeder ontwikkelden, doen het nu – bijna zestig jaar later – in mentale testen aanzienlijk minder goed dan leeftijdsgenoten die de hongerwinter niet meemaakten. Dat blijkt uit onderzoek van de universiteit van Amsterdam. De hongerwinter heeft de veroudering van het brein wellicht versneld.

De onderzoekers bestudeerden 300 volwassenen die zich ten tijde van de hongerwinter in de baarmoeder bevonden. De volwassenen moesten een aantal tests doen om te kijken hoe hun brein eraan toe was. Zo verschenen er bijvoorbeeld woorden op een scherm die een kleur aanduiden. Elk woord had een eigen kleur en de proefpersonen moesten de kleur benoemen. Zo verscheen bijvoorbeeld het woord blauw in het groen.

Veroudering
In deze tests scoorden de mensen die de hongerwinter – onbewust – hadden meegemaakt veel slechter dan leeftijdgenoten die de hongerwinter niet meemaakten. Opvallend genoeg werden deze volwassenen in de jaren ’70 ook al eens getest. Toen scoorden zij op alle fronten even goed als hun leeftijdsgenoten. Dat wijst erop dat het brein van de mensen die de hongerwinter als foetus beleefden vanaf een bepaalde leeftijd sneller veroudert, zo concluderen de onderzoekers van de universiteit van Amsterdam en het Amerikaanse Calvin College.

20.000 doden
De hongerwinter vond plaats in 1944/1945. De Duitse bezetter beperkte de levering van voedsel aanzienlijk. De nood was hoog en naar schatting stierven zo’n 20.000 mensen. Vrouwen die in verwachting waren, moesten zichzelf en de baby met 400 tot 800 calorieën per dag in leven houden. En dat is veel te weinig.

Ook moderne vrouwen kunnen tijdens hun zwangerschap te maken krijgen met ondervoeding. In de meeste gevallen komt dat door de misselijkheid die zij ‘s ochtends ervaren. Maar de gevolgen daarvan kunnen door het lichaam worden opgevangen. De hongerwinter duurde wellicht te lang en was te heftig om te compenseren.