Archeologen hebben nabij het plaatsje Cincinnati in Ohio de restanten van een bijzondere variant van het Engelse Stonehenge gevonden. Het gaat om een houten ceremoniële constructie van 57 meter breed. De restanten zouden zo’n 2000 jaar oud zijn en hebben meer van Stonehenge weg dan gedacht.

Officieel heeft het gebied de naam Moorehead Circle gekregen. Maar de lokale bevolking spreekt liever van Woodhenge en refereert zo openlijk aan het Engelse Stonehenge.

Zonnewende
Terecht, zo blijkt uit recent onderzoek. Met behulp van computermodellen hebben de archeologen de constructie gereconstrueerd. Het patroon wijst erop dat het bouwsel was afgestemd op astronomische gebeurtenissen zoals bijvoorbeeld de zonnewende (de langste dag van het jaar). Op deze dag lijkt de zon gezien vanuit het midden van de cirkel via de toegangspoort het bouwsel te enteren. Op dezelfde dag en op dezelfde manier komt de zon ook Stonehenge binnen.

Gaten
Na 2000 jaar is van de houten palen natuurlijk niets meer over, maar de gaten waar ze ooit met man en macht in geduwd zijn, bestaan nog steeds. Op basis van deze gaten kunnen de archeologen vaststellen dat de ceremoniële constructie bestond uit houten palen die een specifiek, concentrisch patroon vormden: het waren incomplete ringen die zich allemaal om één punt verzamelden.

Stammen
De eerste gaten werden in 2005 gevonden. De afgelopen jaren kwamen er daar nog honderden bij. De meeste gaten zijn dertig centimeter breed en een meter diep. In de gaten moeten gestripte stammen van lokale bomen hebben gestaan. Zo’n stam reikte drie tot vier meter boven de grond. In het midden van de cirkel troffen de archeologen rode, verbrande grond en honderden stukjes aardewerk aan.

Werk
Het bouwen van de ceremoniële constructie moet een monnikenwerk zijn geweest, zo vermoeden de archeologen. De arbeiders moesten eerst de gaten graven en vervolgens bomen omhakken. De stammen werden gestript: van bladeren en takken ontdaan. Daarna moest de paal in het gat worden geplaatst. Om ervoor te zorgen dat deze palen recht kwamen te staan, gooiden ze er stenen bij. Die stenen moesten zo’n 1,6 kilometer verderop gehaald worden en een 76 meter hoge heuvel op worden getild.

De arbeiders moeten bovendien geweten hebben dat hun werk nooit af zou zijn; na zo’n tien jaar waren de bomen geheel verrot en moesten ze allen worden vervangen. Die herhaalde inspanningen wijzen erop dat deze constructie enorm belangrijk was voor de oorspronkelijke bewoners van Amerika.