Onderzoekers hebben in Ierland stille getuigen van de kwistige levensstijl van middeleeuwse monniken gevonden. De archeologen troffen onder meer resten van geroosterde zwaan, lapjes vlees en een heel goede uit Frankrijk geïmporteerde wijn aan. De geestelijken – die een sober leven dienden te leiden – hadden het meer dan goed.

De archeologische opgraving vond plaats in Kilkenny. De onderzoekers dachten er het leven van de zeventiende eeuwse Ierse handelaar Rothe te bestuderen, maar stuitten al gauw op bewijs van nog oudere bewoners: Cisterciënzer monniken. De woning maakte onderdeel uit van het klooster Abbot of Duiske dat zo’n dertig kilometer buiten de stad woonde. Terwijl hun mede-monniken in dat klooster een simpel leven leidden, hingen de geestelijken in de stad de beest uit.

Van dat rijke leven getuigen de gevonden zwanenbotten, restanten van vlees en aardewerken wijnkannen uit Bordeaux. Met name het bewijs van de Franse wijn is doorslaggevend; de alcoholische drank was in die tijd een symbool van echte welvaart.

De archeologen vonden ook de restanten van het veertiende eeuwse toilet van de monniken en deden daarin een bijzondere ontdekking: de gesp van een riem. “Je kunt je dat moment zes eeuwen geleden goed voorstellen,” meent archeoloog Cóilín Ó Drisceoil. “Toen de riem van de abt in het toilet viel en verdween.” Van de leren riem is niets meer over, maar de gesp is nog intact.

Aan het rijke leventje van de monniken kwam een eind in 1537. Henry VIII nam alle kloosters in beslag en de geestelijken werden buiten gezet. Het huis van de monniken in Kilkenny kwam in handen van de rijke familie Rothe en is tot op de dag van vandaag een belangrijke toeristische trekpleister