Genodigden legden – bepakt met varkens – honderden kilometers af om een feestje te vieren.

Dat blijkt uit een nieuwe studie gepubliceerd in het tijdschrift Science Advances. De onderzoekers baseren zich op een analyse van 131 varkensbotten die ze op vier locaties rondom Stonehenge aantroffen. Uit de bevindingen blijkt dat men in die tijd heel wat voor de feestjes over had: zo trok het mensen afkomstig uit alle uithoeken van het land.

Bouwmaterialen
Wist je dat de zogenoemde ‘bluestones’ waar Stonehenge onder andere mee werd gebouwd, afkomstig is uit een gebied dat op meer dan 300 kilometer van het Neolitische monument afligt?

Locaties
De onderzoekers troffen de overblijfselen van de varkens aan op vier locaties rondom het wereldberoemde Stonehenge monument: Durrington Walls, Marden, Mount Pleasant en West Kennet Palisade Enclosures. Met behulp van isotopenanalyse – waarmee achterhaald kan worden welk voedsel en water de dieren consumeerden – konden de onderzoekers bepalen uit welke specifieke gebieden de varkens afkomstig waren. Zo blijkt dat de dieren opgegroeid zijn in Schotland, Noordoost-Engeland en West-Wales, maar ook op een tal van andere locaties op de Britse eilanden. De studie geeft een goed beeld van de grote mate van verplaatsing dat ten tijde van Stonehenge in Groot-Brittannië plaatsvond.


Varkens
De onderzoekers denken dat het van belang was dat de dieren thuis werden vetgemest, om ze vervolgens van over heel Groot-Brittannië naar de feestlocatie te vervoeren. “De bijeenkomsten kunnen worden gezien als de eerste verenigde culturele evenementen,” zegt onderzoeker Richard Madgwick. “Mensen reisden uit alle uithoeken van Groot-Brittannië af naar gebieden rondom Stonehenge om daar te smullen van het voedsel dat speciaal voor de gelegenheid gefokt werd.”

De onderzoekers verbazen zich nog het meest over de enorme inspanningen die de genodigden voor de prehistorische feestjes over hadden. “Het zou relatief eenvoudig zijn geweest om in de buurt van de feestlocatie een varken te kopen,” zegt Madgewick. Maar de genodigden brachten hun eigen varkens mee die ze zelf hadden grootgebracht. “Varkens zijn helemaal niet zo geschikt om over lange afstanden te vervoeren. Om deze dieren – levend of al geslacht – over honderden kilometers te transporten, moet een enorme inspanning hebben gevergd.” De onderzoekers denken dat het bij de regels hoorde. “Het suggereert dat er voorgeschreven regels waren waarin stond dat iedere genodigde een eigen varken moest meenemen en dat deze niet dichtbij de feestlocatie gekocht mochten worden,” aldus Madgewick.