Dat suggereert nieuw onderzoek onder Koreaanse kinderen die kort na hun geboorte door Nederlandse ouders werden geadopteerd.

Deze kinderen – die soms al enkele maanden na hun geboorte naar Nederland kwamen – blijken namelijk decennia later een voorsprong te hebben bij het leren van Koreaanse klanken. Dat is te lezen in het blad Royal Society Open Science. Het onderzoek suggereert dat baby’s al heel jong beginnen met het leren en opslaan van spraakklanken.

De klanken

Beluister hier drie klanken die voor een buitenstaander alledrie klinken als een ‘P’, maar in het Koreaans toch echt verschillend zijn: 1 & 2 & 3.

Uitspraak
De onderzoekers verzamelden 29 inmiddels volwassen geworden Koreaanse adoptiekinderen en 29 controle-proefpersonen (mensen die als baby niet in Korea hadden gewoond). Vervolgens oefenden alle proefpersonen twee weken op rij met het herkennen van Koreaanse klanken. Een lastige taak. Want Koreaanse klanken lijken voor een buitenstaander heel sterk op elkaar, maar zijn toch echt verschillend (zie kader). Na twee weken werd gekeken hoe goed de proefpersonen inmiddels zelf in staat waren om de verschillende Koreaanse klanken uit te spreken. Hun vorderingen werden beoordeeld door Koreanen.

Verbetering
Uit het onderzoek bleek dat de uitspraak van de adoptiekinderen tijdens de trainingsperiode veel sneller verbeterde dan die van de controlegroep. “Het meest fascinerende resultaat vind ik dat het moment van adoptie niet uitmaakt voor de taalvoorsprong die we vinden,” vertelt onderzoeker Mirjam Boersma, verbonden aan de Radboud Universiteit van Nijmegen. “De helft van onze deelnemers was jonger dan zes maanden op het moment van adoptie, de anderen ouder dan zeventien maanden. Beide groepen doen het decennia later even goed qua uitspraak, ze zijn allemaal stukken beter dan de controles.”

WIST JE DAT…

…onderzoekers onlangs voor het eerst een taal ontdekt hebben zonder toon en klemtoon?

Onbewust opgeslagen
Het wijst er sterk op dat de klanken die de Koreaanse adoptiekinderen kort na hun geboorte hadden gehoord toch nog in hun herinnering zaten. Maar daar waren ze zich niet bewust van, zo benadrukt Boersma. Ze vertelt dat zowel de controle-proefpersonen als de adoptiekinderen het heel lastig vonden om de klanken uit te spreken. Maar toch presteerden de adoptiekinderen beter. “De moedertaal is verdwenen uit hun bewuste geheugen, maar de kennis in hun onbewuste geheugen verschijnt weer via onze studie.” Hoewel het onderzoek zich beperkte tot Koreaanse adoptiekinderen verwachten de onderzoekers dat de resultaten ook gelden voor adoptiekinderen uit andere landen. “Omdat we laten zien dat spreekvaardigheid op het moment van adoptie en het herkennen van specifieke woorden geen rol spelen in dit proces, zijn onze resultaten waarschijnlijk universeel.”

Onderzoek had eerder al aangetoond dat mensen hun moedertaal al vanuit de baarmoeder en dus ook tijdens de eerste maanden van hun leven leren. Onduidelijk was echter wat er van die kennis overbleef als baby’s die moedertaal van de ene op de andere dag niet meer hoorden. Dit onderzoek geeft daar meer duidelijkheid over en toont aan dat kinderen de kennis over hun moedertaal op een abstracte manier opslaan. Dat is goed nieuws voor adoptiekinderen. Zij leren de moedertaal van hun biologische ouders gemakkelijker en dat biedt handvaten in het leggen van contacten in hun geboorteland.