aarde

Eerst het slechte nieuws: over zo’n twee miljard jaar zijn wij mensen er niet meer. Dan het nog slechtere nieuws: over 2,8 miljard jaar is er helemaal geen leven meer op aarde, dan sterven namelijk ook de allerlaatste bewoners van onze planeet – bacteriën – uit. Dat stellen wetenschappers.

Aan alles komt een keer een eind. En dus ook aan het leven op aarde. De belangrijkste reden daarvoor? Onze zon. Deze zal de komende miljoenen jaren ouder worden, meer hitte af gaan geven en de aarde zo sterk verwarmen dat gaandeweg alle oceanen verdampen. Om een beeld te schetsen van hoe dat proces precies verlopen gaat, heeft astrobioloog Jack O’Malley-James een computermodel ontwikkeld. Met het model simuleerde hij de temperaturen waar de aarde in de toekomst mee te maken krijgt en die resultaten gebruikt hij weer om te voorspellen welke soorten wanneer het loodje zullen leggen.

Het is nogal een zwartgallig beeld dat O’Malley-James zo schetst. Hij voorspelt dat er de komende miljard jaar steeds meer water van de aarde zal verdwijnen (door verdamping). Chemische reacties met regenwater zullen er bovendien voor zorgen dat er steeds minder koolstofdioxide in de atmosfeer zit, waardoor planten en dieren verdwijnen. De enige soorten die uiteindelijk nog bestaansrecht hebben, zijn bacteriën. Tegelijkertijd neemt ook de hoeveelheid zuurstof op aarde af en zullen de oceanen over zo’n twee miljard jaar totaal verdwenen zijn. “In de verre toekomst zal de aarde bijzonder vijandig zijn als het gaat om leven,” stelt O’Malley-James. “Alle levende dingen hebben vloeibaar water nodig, dus de levensvormen die overblijven, zullen enkel kunnen leven in kleine plasjes vloeibaar water die zich wellicht op hogere breedtes of in grotten of onder de grond bevinden.” Maar het gebrek aan water is niet de enige uitdaging waar deze levensvormen mee te maken krijgen. Ze zullen ook de hoge temperaturen en extreme ultraviolette straling moeten zien te weerstaan. “Slechts enkele microbiële soorten die vandaag de dag op aarde voorkomen, zijn daartoe in staat.”

Het werk van O’Malley-James geeft ons niet alleen een beeld van wat onze planeet te wachten staat. Het kan ons ook helpen in onze zoektocht naar leven in het heelal. “Wanneer we nadenken over de zoektocht naar leven op andere plekken dan de aarde, dan denken we voornamelijk aan leven zoals we dat vandaag de dag kennen en dat in de vorm van zuurstof en ozon sporen achterlaat in onze atmosfeer. Het leven op aarde zal in de verre toekomst echter heel anders zijn dan nu en dat betekent dat we wanneer we zoeken naar leven op andere planeten naar heel andere aanwijzingen moeten zoeken.” O’Malley-James denkt dan bijvoorbeeld aan methaan. “Op het moment dat al het leven van de planeet verdwijnt, is methaan het enige spoor van levensactiviteit.”