Wetenschappers bestuderen het sperma van (voormalige) coronapatiënten om dat uit te zoeken.

Dat het coronavirus een enorme impact heeft op de wereld en de generaties die er momenteel mee geconfronteerd worden, is duidelijk. Maar zou het kunnen dat die impact verder reikt dan de generaties van nu? Is het denkbaar dat ook het immuunsysteem van de toekomstige generatie – die op dit moment misschien nog niet eens verwekt is – er gevolgen van ondervindt?

Sperma
Over die vraag buigen Noorse wetenschappers zich momenteel. “Het immuunsysteem wordt door allerhande infecties getraind,” legt onderzoeker Cecilie Svanes uit. “En wij willen onderzoeken hoe het immuunsysteem beïnvloed wordt door COVID-19 en of de infectie implicaties heeft voor de immuunsystemen van toekomstige generaties. Daarom hebben we besloten om in aanvulling op bloedonderzoek ook sperma te bestuderen.”


Tot op heden hebben zo’n vijftig (voormalige) coronapatiënten sperma ingeleverd. De spermacellen worden de komende tijd onderzocht. Over 12 maanden wordt alle proefpersonen gevraagd om nogmaals sperma voor onderzoek af te staan.

Kinderwens
Het onderzoek moet uitwijzen of het coronavirus van invloed is op het sperma en dus ook op het immuunsysteem van toekomstige generaties. Mocht uit het onderzoek blijken dat dat het geval is, kan – doordat de mannen over 12 maanden nog eens sperma afstaan – direct gekeken worden of dat een langdurig effect is. En op basis daarvan kunnen de onderzoekers stellen met een kinderwens wellicht beter adviseren. “Als we aanzienlijke negatieve veranderingen in sperma zien, is er een mogelijkheid dat we mensen adviseren om na een corona-infectie enige tijd – bijvoorbeeld één jaar – te wachten met het krijgen van kinderen,” aldus Svanes.

Onderzoek onder dieren
Het idee dat een infectie niet alleen van invloed is op het immuunsysteem van de geïnfecteerde, maar wellicht ook op dat van zijn nageslacht, is niet nieuw. “Eerder hebben dierproeven al uitgewezen dat infecties het immuunsysteem van toekomstige generaties op zowel een negatieve als positieve manier kunnen beïnvloeden.” Als voorbeeld haalt Svanes infecties door parasitaire wormen aan. Tijdens experimenten met muizen bleek dat infecties veroorzaakt door deze wormen een positief effect hadden op het immuunsysteem van het latere nageslacht van de geïnfecteerde muizen. “Er was sprake van een betere immuunrespons op dezelfde parasitaire worm,” vertelt Svanes aan Scientias.nl. Ondertussen wezen andere experimenten met muizen uit dat het in het geval van een sepsis (bloedvergiftiging, veroorzaakt door een infectie) andersom is; sepsis heeft juist een negatief effect op het immuunsysteem van de volgende muizengeneratie.


Epigenetica
Maar hoe kan een infectie die een muis opliep nu van invloed zijn op het immuunsysteem van zijn nageslacht? Onderzoekers denken dat het te herleiden is naar zogenoemde epigenetische veranderingen, die van invloed zijn op de wijze waarop het genetisch materiaal wordt afgelezen en dus ook op hoe het lichaam de eiwitten die een rol spelen in het immuunsysteem, aanmaakt. “Als je het genetisch materiaal vergelijkt met een kookboek, dan draait de epigenetica om welke recepten er gelezen worden,” legt Svanes uit. “En wij geloven dat een infectie dat proces kan beïnvloeden.”

Training
Of dat ook voor een coronabesmetting geldt, wordt nu dus aan de hand van sperma uitgezocht. “Ons immuunsysteem reageert op verschillende manieren op infecties, je zou kunnen zeggen dat die infecties ons immuunsysteem trainen, zodat we ons vervolgens beter tegen specifieke infecties kunnen verdedigen. Die ‘training’ vindt meestal niet plaats via mutaties in het DNA, maar door veranderingen in hoe het DNA wordt gelezen en vertaald.” Of ook het sperma door deze training van het immuunsysteem verandert en zo dus ook het immuunsysteem van toekomstige generaties beïnvloed wordt door infecties is onduidelijk. “Maar het is wellicht niet zo onwaarschijnlijk dat de immuunrespons in het lichaam ook van invloed is op de spermacellen – ze zijn immers niet volledig geïsoleerd van wat zich in het lichaam allemaal afspeelt.” Door sperma van voormalige coronapatiënten en gezonde proefpersonen te bestuderen, hopen de onderzoekers helder te krijgen of coronabesmettingen invloed hebben op spermacellen en vervolgens ook op het immuunsysteem van toekomstige generaties. “We bestuderen bijvoorbeeld messenger-RNA (een vorm van RNA die een centrale rol speelt in het tot expressie brengen van genetische informatie, red.) en vergelijken het mRNA van mensen met en zonder COVID-19 met elkaar om te achterhalen welke immuunsignalen anders zijn,” legt Svanes desgevraagd uit.

In het onderzoek van Svanes en collega’s wordt alleen gekeken naar spermacellen. Dat wil niet zeggen dat de infectie van vrouwelijke coronapatiënten sowieso geen invloed heeft op het immuunsysteem van hun kinderen, maar is vooral het resultaat van praktische overwegingen. Zo is het relatief gemakkelijk om mannelijke geslachtscellen te verzamelen. Maar vrouwelijke geslachtscellen zijn een stuk lastiger te verkrijgen.

Het onderzoek levert ongetwijfeld nieuwe inzichten op. “We weten niet of we een effect gaan vinden en als we een effect vinden, weten we niet hoelang het aanhoudt,” stelt Svanes. “Dit is echt een heel nieuw onderzoek en we hebben nog weinig antwoorden.” Maar die komen er wel; de eerste resultaten verwacht Svanes over zes tot twaalf maanden.