De bekende ster Betelgeuze heeft in het verleden mogelijk een zonachtige ster verorberd. Betelgeuze is één van de bekendste sterren aan de nachthemel en is te zien in het sterrenbeeld Orion.

Betelgeuze fascineert wereldwijd miljoenen (amateur-)astronomen. Dit komt mede doordat de ster op het punt staat om te exploderen. De opgezwollen rode reus kan ieder moment imploderen en dus transformeren in een supernova. Het woordje ‘ieder moment’ moet je overigens met een korrel zout nemen, want de supernova-explosie kan morgen plaatsvinden, maar ook over 10.000 jaar.

Betelgeuze in infraroodlicht. De gasschillen zijn duidelijk te zien.

Astronomen van de universiteit van Texas beweren nu dat de ster een bijzondere geschiedenis heeft gehad. Zo zou Betelgeuze een zonachtige begeleider hebben opgeslokt. Dit verklaart waarom de ster nog redelijk snel om zijn as draait, namelijk 53.900 kilometer per uur. “Dat is 150 keer sneller dan andere sterren die geen begeleider hebben”, zegt astronoom J. Craig Wheeler.

Uit computermodellen blijkt dat Betelgeuze ruwweg 100.000 jaar geleden zeer waarschijnlijk een zonachtige ster heeft opgegeten. Dit betekent dat de beroemde rode ster in Orion oorspronkelijk een dubbelster was. De begeleidende ster heeft de rotatiesnelheid van Betelgeuze flink verhoogd om daarna samen te smelten met de reusachtige gasbol.

Gaswolken
Volgens Wheeler slingerde Betelgeuze tijdens het opslokken van de zonachtige ster veel gas in de ruimte met een snelheid van 36.000 kilometer per uur. Deze gaswolken zijn op infraroodfoto’s nog steeds zien, zoals op de foto hierboven. Het verklaart waarom Betelgeuze omringd is door uitdijende gasschillen. Weer een mysterie opgelost, zo lijkt het.

Geen problemen voor ons
Gelukkig hoef jij je geen zorgen te maken dat Betelgeuze de aarde gaat opslokken of dat wij sterven als de ster explodeert. Er is namelijk sprake van een buffer van ruim 600 lichtjaar. Stel dat de rode reuzenster op korte termijn explodeert, dan verschijnt er tijdelijk een tweede zon aan de hemel, maar verder heeft het geen gevolgen voor aardbewoners.