De kans dat sommige van de lijst zullen worden herontdekt, is vrij klein.

Waarschijnlijk kun je wel een zoogdier of vogel noemen die in de afgelopen eeuwen is uitgestorven. Maar kun je ook een onlangs uitgestorven plant opnoemen? Dat is misschien wat lastiger. Onderzoekers hebben zich in een nieuwe studie gebogen over reeds uitgestorven plantensoorten. En ze komen tot een tamelijk verontrustende conclusie: 571 soorten zijn sinds halverwege de 18e eeuw van onze aardbol verdwenen.

Snel tempo
De onderzoekers merken op dat deze planetensoorten in alarmerend tempo verloren zijn gegaan. Bovendien kwamen ze erachter dat de snelheid waarmee soorten uitstierven in eerdere studies grotendeels onderschat is. In de laatste 250 jaar zijn er jaarlijks zo’n 2,3 plantensoorten verdwenen. “Daarnaast zijn de totale uitgestorven aantallen in de afgelopen honderd jaar meer dan verdubbeld,” zegt professor Rob Salguero-Gómez, niet verbonden aan het onderzoek. “Opvallend genoeg blijken houtige planten afkomstig uit subtropische en tropische regio’s voornamelijk de dupe te zijn geweest.”


Essentieel
Planten zijn essentiële onderdelen van ecosystemen en veel dieren en schimmels zijn er afhankelijk van. Haal je een plant weg, dan komt een heel ecosysteem op losse schroeven te staan, wat er mogelijk toe leidt dat andere dieren of schimmels uitsterven. Ook mensen zijn afhankelijk van planten. Zo voorzien ze ons van voedsel, schaduw, bouwmaterialen en zuurstof. “Planten leveren belangrijke hulpbronnen voor ecosystemen van over de hele wereld,” gaat Salguero-Gómez verder. “Het is daarom van groot belang – niet alleen voor ecologen, maar ook voor menselijke samenlevingen – om te begrijpen hoeveel, waar en hoe plantensoorten verloren gaan.”

Uitgestorven
Uit het onderzoek blijkt dat zeker 571 plantensoorten momenteel worden aangemerkt als zijnde uitgestorven. “Het werkelijke cijfer ligt ongetwijfeld hoger,” zegt co-auteur Rafaël Govaerts. “Er wordt dan ook hard gewerkt om de status van elke plantensoort te beoordelen.” Vooral op eilanden en in de tropen lopen de aantallen in snel tempo terug. En voornamelijk struiken, bomen en plantensoorten met een klein bereik moeten het onderspit delven.

Herontdekt
Het komt nog weleens voor dat een soort onterecht uitgestorven wordt verklaard en toch ineens weer ergens de kop op steekt. Govaerts maakte er dan ook een sport van om deze ‘uitgestorven’ soorten tijdens zijn vakantie op te sporen. Zo trof de onderzoeker bijvoorbeeld in Argentinië de ‘uitgestorven’ soort Ipheion tweedieanum aan. Ook in Portugal en Gibraltar werden later plantensoorten herontdekt. “Hoewel sommige soorten zijn herontdekt, bevat de lijst momenteel 571 gedocumenteerde uitgestorven plantensoorten waarvan de meeste waarschijnlijk niet meer zullen worden gevonden,” zegt Govaerts. En dat is best jammer. “Veel van deze soorten hadden kunnen bijdragen aan oplossingen voor de voedselzekerheid en medicijnen, maar helaas zullen we nooit weten wat hun waarde echt zou zijn geweest.”

Om er echter voor te zorgen dat niet alle belangrijke planten voor onze voedselproductie het loodje leggen, werd aan het begin van de jaren negentig de Wereldzaadbank in Spitsbergen opgericht. Hier liggen zoveel mogelijk zaden in een speciale kluis diep onder het ijs opgeslagen. In de afgelopen tien jaar hebben landen wereldwijd al meer dan 900.000 zaden naar Spitsbergen gebracht. Het gaat dan met name om zaden van planten die een belangrijke bron van voedsel zijn of leveren (denk bijvoorbeeld aan aardappelen, rijst, tarwe en kikkererwten). De kluis ligt veilig onder de grond en kan heel wat doemscenario’s overleven. Met al het technisch vernuft kan de Wereldzaadbank reeds uitgestorven plantensoorten niet meer redden, maar voor de soorten die nu of in de toekomst balanceren op het randje van de afgrond, biedt de kluis veel hoop.