De ruimtesteen cirkelde – net als de maan – een tijdje om onze aarde alvorens zijn ondergang te vinden in de atmosfeer.

Vijftig autonome camera’s speuren in Australië de hemel af, op zoek naar vuurbollen, die ontstaan doordat ruimtestenen onze atmosfeer binnendringen. Een analyse van de beelden gemaakt door deze camera’s resulteert nu in een bijzondere ontdekking. Eén van de camera’s blijkt er namelijk getuige van te zijn geweest dat een heuse minimaan (in ieder geval deels) in de atmosfeer is opgebrand. Dat is te lezen in het blad The Astronomical Journal.

Over de minimaan
Een minimaan is een object dat door de zwaartekracht van de aarde is ingevangen, waardoor het (tijdelijk) rond de aarde cirkelt. “Minimanen stammen uit de populatie aardscheerders,” vertelt onderzoeker Patrick Shober aan Scientias.nl. Dat zijn ruimtestenen die rond de zon cirkelen, maar daarbij op een gegeven moment heel dicht bij de aarde in de buurt komen. En soms kan het dus gebeuren dat de aarde zich zo’n aardscheerder op het moment dat deze dicht bij onze planeet in de buurt komt, toe-eigent. Hoe vaak dat precies gebeurt, is onduidelijk. Minimanen zijn namelijk niet zo gemakkelijk op te sporen. Sterker nog; tot op heden is er slechts één (2006 RH120) met behulp van telescopen bestudeerd. “De meeste minimanen zijn te klein om door telescopen gedetecteerd te worden,” stelt Shober. Zo had 2006 RH120 een diameter van slechts drie meter.


Vuurbol
Ook zijn we er niet zo vaak getuige van dat een minimaan de atmosfeer binnendringt. Tot voor kort was onderzoekers slechts één vuurbol bekend die veroorzaakt leek te zijn door een minimaan. Maar nu kunnen we daar dus een tweede observatie aan toevoegen. In augustus 2016 spotte een camera in het zuiden van Australië een vuurbol die – zo blijkt nu uit een nadere analyse – wel het resultaat moet zijn geweest van een minimaan die zich een weg door de atmosfeer baande. “Wij denken dat de meteoroïde die deze vuurbol veroorzaakte, voorafgaand aan het binnendringen van de atmosfeer een minimaan moet zijn geweest, omdat onze simulaties uitwijzen dat het zeer waarschijnlijk is dat deze meteoroïde rond de aarde in plaats van rond de zon cirkelde,” vertelt Shober.

De vuurbol, vastgelegd door één van de camera’s van het Desert Fireball Network. Afbeelding: Patrick Shober / Desert Fireball Network.

Massa en omvang
Met behulp van hun simulaties – gebaseerd op wat de camera’s in het zuiden van Australië zagen – konden de onderzoekers zich dus een beeld vormen van de voormalige baan van het object. Daarnaast waagden ze zich op basis van diezelfde observaties aan een inschatting van de omvang en het gewicht van de minimaan. “We voorspellen dat de massa ervan voorafgaand aan het binnendringen van de atmosfeer rond de 11,8 kilogram lag. Als je er vervolgens van uitgaat dat het een vrij veelvoorkomend type meteoriet, met een vrij simpele vorm was, kom je uit op een object met een diameter van ongeveer 20 centimeter.” Of daar na de heftige reis door de atmosfeer van de aarde nog iets van over is gebleven, is in dit stadium onduidelijk. “We verwachtten dat er na de reis door de atmosfeer nog een massa van ongeveer 0,3 kilogram is overgebleven. Dat is een kleine massa, maar wel groot genoeg om eventueel op aarde terug te vinden. We hebben inmiddels in het voorspelde landingsgebied een meteoriet gevonden, maar we proberen momenteel nog vast te stellen of dit ook de veroorzaker van de vuurbol is.”

Bijzonder
Dat er nu voor de tweede keer een minimaan-vuurbol is geobserveerd, is hoe dan ook bijzonder. Want slechts een fractie van de minimanen die op een gegeven moment rond de aarde cirkelen, is gedoemd om in de atmosfeer van de aarde ten onder te gaan. “Bijna alle minimanen worden tijdelijk door de aarde ingevangen en keren uiteindelijk terug in de interplanetaire ruimte. Dat overkwam ook 2006 RH120 na ongeveer elf maanden rond de aarde te hebben gecirkeld,” vertelt Shober aan Scientias.nl. “Modellen wijzen uit dat ongeveer 1 procent van alle minimanen uiteindelijk de atmosfeer van de aarde binnendringt en slechts 1 op de 1000 meteoren zou veroorzaakt worden door minimanen.”


In de nabije toekomst gaan we ongetwijfeld nog veel meer horen over minimanen. Want nu zijn we nog slecht in staat om ze te detecteren, maar daar gaat verandering in komen. Onderzoekers kijken wat dat betreft reikhalzend uit naar de ingebruikname van de LSST (Large Synoptic Survey Telescope), vooralsnog gepland in 2022. “De LSST is met name geschikt voor het ontdekken van minimanen, omdat deze goed in staat is om lichtzwakke (oftewel kleine) objecten te detecteren,” vertelt Shober. “De telescoop zal elke nacht een groot deel van de hemel afspeuren (…) en is heel goed in staat om bewegende objecten te observeren. Naar schatting kan de LSST elk jaar wel een minimaan ontdekken, en als het systeem geoptimaliseerd wordt om dergelijke objecten op te sporen, zou het zelfs elke twee maanden een minimaan kunnen detecteren.”