En dat komt vooral doordat biologisch voedsel veel meer oppervlak vereist.

Dat blijkt uit Zweeds onderzoek, verschenen in het blad Nature. “Onze studie laat zien dat biologische erwten, verbouwd in Zweden, een ongeveer vijftig procent grotere impact hebben op het klimaat dan erwten die op conventionele manier verbouwd worden,” stelt onderzoeker Stefan Wirsenius. “En voor sommige gewassen is het verschil zelfs nog groter.” Zo heeft biologisch wintertarwe – tarwe dat in de herfst gezaaid wordt, ‘overwintert’ en in het voorjaar uitgroeit tot een volwassen plant – zelfs een 70% grotere klimaatimpact dan conventioneel verbouwd wintertarwe.

Oppervlak
Dat biologische gewassen zo’n grote impact hebben op het klimaat, komt voornamelijk doordat ze veel meer oppervlak vereisen. Bij het verbouwen van biologische gewassen wordt geen gebruik gemaakt van kunstmest, waardoor de opbrengst per vierkante meter land veel lager ligt. Daardoor is een grotere akker nodig om net zo’n grote oogst te realiseren als met conventioneel verbouwde gewassen het geval zou zijn. “Het gebruik van meer land leidt indirect, middels ontbossing, tot meer CO2-uitstoot (zie kader, red.),” aldus Wirsenius.


Ontbossing
Bomen nemen CO2 op, maar wanneer ze worden omgehakt, komt een groot deel van die CO2 weer vrij. Ontbossing is – naast de uitstoot van broeikasgassen – dan ook een belangrijke drijvende kracht achter klimaatverandering.

Het is niet voor het eerst dat onderzoekers de klimaatimpact van biologische gewassen vergelijken met die van gewassen die op de conventionele manier zijn verbouwd. Toch is deze studie uniek. “Het feit dat meer landgebruik leidt tot een grotere klimaatimpact is nog niet vaak in de vergelijking van biologisch en conventioneel voedsel meegenomen.” Dat zou met name te wijten zijn aan het feit dat het in het verleden lastig was om het effect dat landgebruik op het klimaat heeft, te meten. Wirsenius en collega’s hebben nu echter een methode ontwikkeld waarmee het vrij gemakkelijk is om de klimaatimpact van landgebruik te vergelijken.

Vlees en zuivel
Hoewel het onderzoek zich beperkt tot landbouwgewassen, heeft het ook implicaties voor biologische vlees- en zuivelproducten. Ook zij hebben een grotere klimaatimpact dan hun ‘gewone’ tegenhangers. “Omdat er bij de productie van biologisch vlees en melk gebruik wordt gemaakt van biologisch voedsel,” legt Wirsenius uit.

Op basis van dit onderzoek zou je misschien geneigd zijn om biologisch voedsel links te laten liggen. Maar dat zou Wirsenius niet direct aanraden. “Biologisch voedsel heeft verschillende voordelen ten opzichte van voedsel dat middels conventionele methoden is geproduceerd. Zo is het bijvoorbeeld beter voor het dierenwelzijn. Maar als je kijkt naar de klimaatimpact laat onze studie zien dat biologisch voedsel over het algemeen een veel slechter alternatief is.” Wirsenius raadt de consument dan ook aan om zich niet alleen te laten leiden door het stempel ‘biologisch’, maar ook logisch na te denken. De grootste slagen worden gemaakt als je conventioneel verbouwde producten met een grote ecologische voetafdruk vervangt door biologische tegenhangers met een relatief kleine ecologische voetafdruk. “Zo is het eten van biologische bonen of biologische kip nog altijd beter voor het klimaat dan het eten van varkensvlees dat op conventionele wijze geproduceerd is.”