Het is helemaal niet zo’n gek idee om vlak voor een driegangenmaaltijd een bitter aperitiefje naar binnen te werken. Een bitter smaakje maakt namelijk hongerig, zo blijkt uit een onderzoek dat in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences verschijnt. Wetenschappers gaven muizen een bitter goedje en zagen hoe dit vervolgens het hormoon dat ons hongerig maakt, activeerde.

Veel mensen wagen zich aan het aperitiefje, omdat het zou helpen om het voedsel te verteren. In de vaak bittere dranken zitten kruiden en specerijen en kinine. Dit laatste stimuleert de receptoren die bittere smaken moeten opmerken. Deze receptoren hebben we overigens niet voor niets: ze zijn er om eventuele giftige of schadelijke stoffen op te merken. De onderzoekers vermoedden dan ook dat het aperitief ervoor zorgde dat mensen juist minder honger kregen.

Trek
Maar uit experimenten blijkt iets anders. De wetenschappers voeden een aantal muizen een bittere mix en zagen hoe het hormoon ghreline actief werd. Dit hormoon zorgt ervoor dat de muizen trek krijgen. De muizen besteedden het half uur dat volgde aan het naar binnen werken van allemaal lekkers. De muizen die niet in staat waren om bittere smaken te detecteren, deden dat juist niet.

Verteren
De muizen die zich aan allerlei lekkers te buiten gingen, stopten na een half uur opvallend genoeg met het eten. En gedurende de uren die volgden, aten ze helemaal niets. Uit onderzoek blijkt dat het verteren van het voedsel ook iets vertraagd werd.

Langzamer
Hoewel muizen in veel opzichten een perfect proefdier zijn: hun lichaam werkt in grote lijnen net zoals het onze, benadrukken de onderzoekers dat de vertraagde verbranding van het voedsel waarschijnlijk alleen bij muizen optreedt. De dieren braken niet. Om te voorkomen dat eventuele giftige stoffen helemaal in het lichaam worden opgenomen, laat de verbranding ervan mogelijk wat langer op zich wachten.

Onderzoekers zijn heel benieuwd welke factoren eetlust opwekken of wegnemen. In de toekomst kunnen ze mogelijk een drankje ontwikkelen dat mensen met eetproblemen helpt om meer of juist minder voedsel naar binnen te werken. Maar er moet nog veel gebeuren voordat het zover is.