Een gammaflits produceert altijd een flinke dosis gammastraling. Een ingeburgerde theorie in de sterrenkunde. Maar nu hebben wetenschappers voor het eerst een supernova-explosie waargenomen die lijkt op een gammaflits, maar die ogenschijnlijk geen gammastraling produceert. Hoe kan dit?

Niet bij alle supernova-explosies waarbij de kern in elkaar stort wordt gammastraling ontdekt. “Slechts bij één op de honderd”, licht Alicia Soderberg van het Harvard-Smithsonian Centrum voor Astrofysica toe. Meestal wanneer een supernova gammastraling produceert, bereikt het uitgestoten materiaal bijna de snelheid van het licht. Bij gewone supernova’s gaat het materiaal niet harder dan drie procent van de lichtsnelheid.

De extreem hoge snelheden van uitgestoten materiaal wordt veroorzaakt door een ‘motor’ in het hart van een supernova-explosie, die lijkt op een quasar. Materiaal dat in de kern valt, komt in een schijf terecht rondom een nieuwe neutronenster of zwart gat. Deze accretieschijf produceert jets van het materiaal, dat via de polen de omgeving verlaat.

Tot nu toe zijn dit soort ‘motorgedreven’ supernova-explosies altijd samen gevonden met gammastraling. Tot nu. Wetenschappers observeerden supernova-explosie SN2009bb, maar troffen geen gammastraling aan. Ook bij SN2007gr vonden wetenschappers geen gammastraling.

Er zijn mogelijk twee oorzaken. Of de bundels gammastraling wijzen niet naar de aarde, waardoor de kans groot is dat wetenschappers geen gammastraling zien. Of gammastraling kan op een of andere manier niet uit de ontploffende ster ontsnappen. Twee mogelijk theorieën, maar welke van de twee is juist? Meer onderzoek zorgt hopelijk voor het antwoord.