Wetenschappers denken een betere methode te hebben gevonden om vaststellen of mensen een gezond gewicht hebben.

De Body Mass Index (kortweg BMI) gaat al een tijdje mee. En wellicht heb je ‘m zelf ook wel eens gebruikt. Het is een verrassend eenvoudige manier om vast te stellen of je een gezond gewicht hebt. Je neemt je gewicht (in kilogram) en deelt dat door je lengte in het kwadraat. Dus: stel je weegt 70 kilo en bent 1.75 meter lang, dan komt je BMI uit rond de 23. Het betekent dat je een gezond gewicht hebt. Valt je BMI onder de 18,5 dan heb je ondergewicht, Komt je BMI boven de 25 uit dan heb je overgewicht.

BVI
De Body Mass Index werd al in de negentiende eeuw ontwikkeld en wordt al meer dan anderhalve eeuw gebruikt. Maar als het aan wetenschappers van de Mayo Clinic en de University of Westminster ligt, gaat dat veranderen. Zij hebben namelijk een nieuwe methode gelanceerd om vast te stellen of mensen een gezond gewicht hebben: de Body Volume Indicator (kortweg BVI).

De tekortkomingen van BMI
Dat we een nieuwe methodiek nodig hebben om het gewicht van mensen te beoordelen, staat volgens de onderzoekers buiten kijf. Want steeds meer studies tonen aan dat de Body Mass Index zijn beperkingen heeft. De methode kijkt immers alleen naar gewicht en lengte. Het betekent dat een slank mens met veel spiermassa door de Body Mass Index zomaar weggezet kan worden als iemand met obesitas. Maar het grootste probleem is dat de Body Mass Index geen rekening houdt met hoe lichaamsvet over het lichaam verspreid is, maar in plaats daarvan alleen kijkt naar het totale gewicht. Natuurlijk is overvloedig lichaamsvet altijd een slechte zaak. Maar het ene overvloedige lichaamsvet is gevaarlijker dan het andere. Zo tonen onderzoeken aan dat met name lichaamsvet rond de buik zeer gevaarlijk is: het verhoogt de kans op diabetes type 2, een hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten.

Over de BVI
Tijd dus voor iets nieuws, zo vinden veel wetenschappers. En dat resulteert dus in de BVI. Een veel uitgebreidere methodiek die niet alleen kijkt naar lengte en gewicht, maar ook naar de distributie van het gewicht en dan met name de hoeveelheid vet rond de buik. Ook houdt de BVI rekening met de leeftijd, het geslacht en de mate waarin mensen fysiek actief zijn. En op basis van al die gegevens is veel nauwkeuriger vast te stellen of mensen een verhoogd risico lopen op bijvoorbeeld hart- en vaatziekten of diabetes.

App
Het zal je niet verwonderen dat de BVI wat lastiger te bepalen is dan de BMI. Maar ook daar hebben de onderzoekers iets op bedacht. Een app die je – aan de hand van wat foto’s van jouw lichaam – binnen een minuut laat weten hoe je ervoor staat. De app is ontwikkeld voor professioneel gebruik, dus bijvoorbeeld voor artsen en fitnesstrainers.

De onderzoekers hopen dat de BVI – waar zo’n tien jaar aan gewerkt is – tegen 2020 de BMI definitief heeft vervangen.