Deze structuren zijn niet kort na de oerknal ontstaan.

Bolvormige sterrenhopen zijn het beste te omschrijven als grote ballen, bestaande uit sterren. Ze draaien rond het centrum van sterrenstelsels. Zo’n bolhoop bestaat uit honderdduizenden – vaak oudere – sterren. Ze blijven bij elkaar door hun eigen zwaartekracht. Alleen in de Melkweg bevinden zich al zo’n 150 tot 180 bolvormige sterrenhopen.

Wetenschappers dachten altijd dat bolvormige sterrenhopen één van de oudere structuren in het heelal waren. Zo is het heelal 13,7 miljard jaar oud en schatten astronomen de leeftijd van bolhopen op circa 13 miljard jaar.


Toch blijken bolvormige sterrenhopen veel jonger te zijn. Wetenschappers van de universiteit van Warwick beweren dat bolhopen slechts negen miljard jaar oud zijn. Zij hebben nieuwe modellen gemaakt, waarbij gekeken is naar het licht van oude dubbelsterren in sterrenhopen. Deze dubbelsterren beïnvloeden elkaar. Zo groeit één van de twee sterren uit tot een reus, terwijl de kleinere begeleider met zijn zwaartekracht waterstof en helium wegtrekt bij de grote reus. Wetenschappers denken dat deze dubbelsterren even oud zijn als het bolvormige sterrenhoop waarin zij wonen en dat zij dus de eerste bewoners waren.

Als bolvormige sterrenhopen echt veel jonger zijn dan gedacht, dan heeft dit invloed op hoe de Melkweg en andere sterrenstelsels zijn gevormd. Mogelijk moeten andere modellen verfijnd worden.