Bolwormen zijn een plaag: ze vreten onder meer de katoenplanten van Amerikaanse boeren kaal. Wetenschappers hebben daar nu iets op bedacht: ze pasten de planten aan waardoor deze de bolwormen doodden en de resistente exemplaren werden gedwongen om te paren met gesteriliseerde wormen, waardoor de voortplanting en de plaag abrupt kon worden gestopt.

Bolwormen zijn allang een groot probleem. Genetisch gemanipuleerde katoenplanten zijn een deel van de oplossing. De planten zorgen ervoor dat de meeste hongerige bolwormen nog voordat ze volwassen zijn en zich kunnen voortplanten, omkomen. Maar er blijft altijd een groep resistente wormen over. En daar hebben de wetenschappers hun pijlen op gericht. Ze lieten een enorme groep gesteriliseerde motjes vrij om met de resistente wormen te paren zonder dat er nageslacht uit voortkwam. En dat werkt. “Onze nieuwe aanpak heeft geresulteerd in een enorme winst voor het milieu,” meent onderzoeker Bruce Tabashnik.

WIST U DAT…

…wij mensen meer gemeen hebben met wormen dan gedacht?

Het is niet voor het eerst dat steriele exemplaren hun eigen soort ten gronde richten. Het is wel uniek dat dat in combinatie met genetisch gemanipuleerde gewassen gebeurt. En die combinatie is ijzersterk. Door de aangepaste gewassen sterft een groot deel van de populatie bolwormen een vroege dood en is het gemakkelijker om genoeg steriele motten los te laten om de overlevenden een hak te zetten.

Door de effectieve aanpak is het aantal bolwormen tussen 2005 en 2009 in Arizona met 99,9 procent afgenomen. En ook de hoeveelheid gebruikte pesticiden is sterk gedaald. De boeren besteedden daar tussen 1990 en 1995 nog 18 miljoen dollar aan. Tussen 2006 en 2009 hoefde er maar 172.000 dollar voor vrijgemaakt te worden.