Boomringen vertellen wetenschappers veel over de historie van het klimaat op een specifieke plek. De ringen onthullen dankzij een toegenomen of afgeremde groeisnelheid of een bepaald jaar een goed jaar of een slecht jaar was. Toch zijn er bomen die na de jaren ’50 van de vorige eeuw anders groeien dan verwacht.

De afgelopen halve eeuw groeien bomen trager dan verwacht. Wetenschappers vergeleken gemeten temperaturen op een bepaalde plek met boomringen en kwamen erachter dat de twee niet overeenkwamen. Sommige bomen laten zien dat het de afgelopen vijftig jaar kouder is geworden, terwijl het tegenovergestelde waar is.

Het is momenteel nog niet duidelijk waarom sommige bomen op het noordelijk halfrond zich anders gedragen dan in de decennia en eeuwen voor 1960.

Dr. Andy Reisinger, een klimaatwetenschapper aan de Victoria universiteit, denkt dat een tekort aan regen de groei van bomen remde. Of dat bomen op een bepaalde temperatuur anders reageren. “De relatie (tussen boomringen en temperatuur, red.) die we de afgelopen 500 tot honderd jaar hebben ontwikkeld, geldt niet voor de laatste vijftig jaar”, zegt Reisinger. “Boomringen vertellen alleen iets over een specifieke locatie en zijn daarom altijd selectief.”

Over het algemeen groeien bomen sneller in warme jaren. Hoe breder een boomring is, des te harder groeide de boom dat jaar. Oftewel: hoe breder een boomring, hoe warmer het dat jaar was. Toch is het verstandig dat wetenschappers gegevens van boomringen matchen met bijvoorbeeld fossielen, sedimenten en ander fysieke bewijzen om de validiteit van gegevens hoog te houden.