BP is bezig het lek in de pijpleiding in de Golf van Mexico te sluiten. De oliemaatschappij stortte het lek vol met cement. “Dit is nog niet het einde,” waarschuwt Thad Allen, admiraal voor de kustwacht. “Maar het verzekert ons ervan dat er geen olie meer in het milieu terechtkomt.”

Eerder deze week spoot BP zware modder in het lek om de druk van olie en gas te onderdrukken. Daar belandt nu het cement op. Het is nog niet de definitieve afsluiting: die vindt later deze maand plaats. Hierbij injecteert BP zware modder en cement op een tweede plek in de leiding. De modder en het cement belanden dan via deze leiding in de leidingen die de afgelopen maanden gelekt hebben en sluit het oliereservoir op een diepte van zo’n 4000 meter af.

108 dagen
De olieramp is ondertussen al zo’n 108 dagen bezig. BP hoopt dat het einde nu in zicht is, het bedrijf lijdt namelijk flink onder de ramp. Niet alleen het imago van de oliemaatschappij is sterk beschadigd, ook de aandelen van BP hebben een paar lastige weken achter de rug. President Barack Obama is ongetwijfeld eveneens in zijn nopjes met de afsluiting van het lek: ook hij lag de afgelopen weken onder vuur. Sommigen vonden hem te laks in zijn optreden.

De mensen die echt te lijden hebben onder de olieramp zijn natuurlijk de omwonenden. Dat het olielek dicht is, is een geruststelling, maar lost alle problemen niet direct op: er zijn zo’n 4.9 miljoen vaten olie reeds in de Golf beland. Een groot deel daarvan zou volgens de Amerikaanse overheid al verdwenen zijn, maar wetenschappers trekken dat in twijfel. Ze vermoeden dat de olie en de gebruikte chemicaliën nog jarenlang voor problemen kunnen zorgen. Met name de zeedieren en -planten zouden een flinke klap hebben gehad.