brein

Uw sleutels of uw telefoon wéér kwijt? Geen probleem. Uw hele brein komt direct in actie om het gezochte voorwerp op te sporen. Het brein gebruikt hiervoor alle benodigde delen en dus niet alleen de visuele gebieden. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

Wanneer we iets kwijt zijn en dit gericht zoeken, worden visuele en niet-visuele gebieden van de hersenen ingezet om dit voorwerp, persoon of dier op te sporen. Breindelen die normaal dienen voor andere taken, schakelen hun eigenlijke doel uit en richten zich ook op de zoekopdracht. Het brein verandert dus heel snel in een geconcentreerde speurder en gebruikt bronnen van andere mentale taken. Uw sleutels of telefoon vinden, is op dat moment het belangrijkst dus de rest moet maar even wachten. Onze hersenen zijn veel dynamischer dan wetenschappers eerder dachten. Ze herverdelen hun taken op basis van het vereiste gedrag en optimaliseren de prestaties door uiterste concentratie en precisie van uit te voeren taken. Dat vertelt hoofdauteur Tolga Cukur van University of California, Berkeley over de studie in het tijdschrift Nature Neuroscience.

Breindelen
“Wanneer je op je werk je dag plant, is bijvoorbeeld een groter deel van het brein gericht op het verwerken van tijd, taken, doelen en beloningen. Wanneer je zoekt naar je kat wordt een groter deel van het brein betrokken bij het herkennen van dieren,” legt Cukur uit. Het brein is heel flexibel wanneer iets belangrijker lijkt te zijn: het stelt prioriteiten en zet al zijn mogelijke middelen in. Andere taken zijn even minder belangrijk. Één taak krijgt voorrang. En dat is gelijk ook de reden waarom we maar moeilijk kunnen multitasken. Zo steekt het brein niet in elkaar.

Activiteit
Voor het onderzoek gebruikten de wetenschappers fMRI waarbij ze konden zien waar het bloed naar toe ging in duizenden delen van het brein. Ze zagen hiermee waar breinactiviteit was terwijl de deelnemers zochten naar mensen of voertuigen in filmpjes en een knop indrukten zodra ze het gezochte object of de gezochte persoon zagen. Na analyse van de data ontdekten de onderzoekers dat wanneer de deelnemers mensen zochten, er relatief meer activiteit in de cortex gericht was op mensen. Wanneer ze de voertuigen zochten was een groter deel gericht op voertuigen. Zo stemden bijvoorbeeld de delen die normaal gesproken betrokken zijn bij het herkennen van specifieke visuele categorieën zoals planten of gebouwen zich nu af op mensen of voertuigen. Hierdoor werd het gebied verbonden met de zoekopdracht enorm uitgebreid. “Deze veranderingen waren in veel breindelen te zien, niet alleen de delen die bestemd zijn voor zicht. Sterker nog, de grootste veranderingen werden gezien in de prefrontale cortex waarvan gedacht werd dat deze betrokken was bij abstract denken, lange termijn planning en andere complexe denktaken,” zegt Cukur.

Eerder onderzoek aan de universiteit wees al uit dat iedere visuele categorie helemaal niet in een apart deel van de visuele cortex ‘zit’. Nee, ze bevinden zich over het hele brein in goed georganiseerde kaarten, de zogenoemde ‘continuous semantic space’. Welk voorwerp bij welk deel is ‘opgeslagen’ is te zien in de online brain viewer.