Wij weten niet beter dan dat cijfers en ruimte samenhangen. Maar nieuw onderzoek wijst erop dat ons brein dat toch echt moet leren.

Cijfers en ruimte. Die twee zijn overal samen terug te vinden. Denk bijvoorbeeld aan een rolmaat of een grafiek. Wij vinden het heel normaal dat de drie dichter bij het begin van de rolmaat staat dan de negen. Dat verband tussen cijfers en de plek die ze op een rechte lijn innemen, lijken we van nature te begrijpen. Maar is het wel aangeboren? Een nieuw onderzoek suggereert van niet.

Geen intuïtie
En dat is verrassend. Wetenschappers gaan er namelijk vanuit dat ons brein door miljoenen jaren van evolutie als het ware is geprogrammeerd om de fundamenten van de wiskunde te begrijpen. “En veel verschillende onderzoeken suggereren dat mensen ruimte van nature met cijfers associëren,” vertelt onderzoeker Rafael Núñez. “Onze studie laat voor het eerst echter zien dat het concept van nummers langs een lijn geen kwestie is van ‘universele intuïtie’, maar een cultureel verschijnsel is dat moet worden aangeleerd.”

WIST U DAT…

Yupno
De onderzoekers baseren die conclusies op een experiment in Papoea-Nieuw-Guinea. Ze bezochten er de Yupno. Het volk telt zo’n 5000 mensen die in kleine dorpjes wonen. De meeste hebben geen onderwijs genoten. Ook heeft het volk geen schrift. Wel kennen de Yupno cijfers, zo zijn er specifieke woorden voor cijfers groter dan twintig. De Yupno meten niet. “Niet met nummers, noch met voeten of ellebogen,” benadrukt Núñez.

Experiment
Núñez liet een aantal mensen een lijn zien. De mensen kregen de opdracht om cijfers afhankelijk van hun grootte langs de lijn te plaatsen. Eén was helemaal links. En tien (soms ook honderd of duizend) was helemaal rechts. Drie groepen mensen voerden het experiment uit: ongeschoolde Yupno, geschoolde Yupno en een controlegroep in Californië. De resultaten ziet u hieronder. Ongeschoolde Yupno bleken getallen wel op de lijn te plaatsen, maar ze gebruikten daarbij altijd de uiteinden van de lijn. Kleine getallen werden links geplaatst en middelgrote en grote getallen rechts. Ze negeerden de lijn ertussen. Dat bewijst dat zij het nummer-lijn concept niet vatten. Geschoolde Yupno deden het beter, maar de mensen uit Californië waren het meest gedetailleerd in het plaatsen van getallen. Volgens Núñez bewijst het onderzoek dat wiskunde geen universele taal is en dat de beginselen ervan weldegelijk moet worden aangeleerd.

De resultaten. Foto: Embodied Cognition Laboratory / UC San Diego.

En wiskunde is niet het enige concept dat wellicht onterecht als ‘universeel’ en ‘natuurlijk’ wordt aangeduid. Núñez bestudeerde ook hoe verschillende mensen tegen het concept tijd aankeken. En wederom vond hij grote verschillen tussen groepen. Wij zien tijd als een lijn. Het verleden ligt links, de toekomst rechts. Maar de Aymara in de Andes zien het net andersom. En de Yupno zien tijd als een soort heuvel. Ze wijzen naar boven als ze het over de toekomst hebben en naar beneden als het om het verleden gaat.

Tijd. Foto: Embodied Cognition Laboratory / UC San Diego.

“Deze resultaten suggereren dat de manier waarop we over abstracte concepten nadenken veel flexibeler is dan voorheen werd gedacht en beïnvloed wordt door taal, cultuur en omgeving,” stelt Núñez.