Zo’n 9 tot 14 procent van de Middeleeuwse Britse volwassenen zou op het moment van overlijden aan de ziekte hebben geleden.

Als je denkt aan de ziektes die veelvuldig in de Middeleeuwen voorkwamen, dan denk je misschien aan infectieziektes, zoals dysenterie en de pest. Ook ondervoeding en verwondingen als gevolg van ongelukken of oorlogsvoering komen mogelijk in je op. Maar onderzoekers hebben in een nieuwe studie ontdekt dat men tevens vaak aan een iets minder voor de hand liggende ziekte leed: kanker.

Skeletten
In de studie bogen de onderzoekers zich over 143 skeletten daterend uit de 6e tot de 16e eeuw. Deze resten waren afkomstig van zes verschillende begraafplaatsen in en rond de Engelse stad Cambridge. Het team bestudeerde de wervels, dijbenen en bekken en brachten deze delen vervolgens met behulp van röntgenfoto’s en CT-scans in beeld. Het leidt tot een verrassende ontdekking. Want uit de bevindingen blijkt dat kanker in de Middeleeuwen toch minder zeldzaam was dan gedacht.

CT-scan van een middeleeuwse schedel met daarin verborgen uitzaaiingen (witte pijl). Afbeeldingen: Bram Mulder

Voorafgaand aan het onderzoek vermoedde men dat minder dan 1 procent van de bevolking in de Middeleeuwen kanker kreeg. Maar de onderzoekers komen in hun studie tot een hele andere conclusie; het percentage zou zelfs tien keer hoger liggen dan gedacht. “Met behulp van de CT-scans konden we de kankers zien die verborgen lagen in het bot, dat er aan de buitenkant volkomen normaal uitzag,” legt onderzoeker Jenna Dittmar uit. “We denken dat tussen de 9 en 14 procent van de middeleeuwse bevolking ergens in hun lichaam kanker kreeg. We zouden daarom kanker moeten toevoegen aan het rijtje van middeleeuwse ziektes.”

Vergelijking
Het betekent dus dat zo’n 9 tot 14 procent van de Middeleeuwse Britse volwassenen op het moment van overlijden aan de akelige ziekte zou hebben geleden. En dat in een tijd vóór de wijdverspreide opkomst van tabak. De onderzoekers wijzen er echter op dat in het hedendaagse Groot-Brittannië ongeveer 40 tot 50 procent van de mensen kanker krijgt. Dit betekent dat de ziekte tegenwoordig zo’n 3 á 4 keer vaker voorkomt dan in de Middeleeuwen.

Waarom krijgen we vandaag de dag vaker kanker?
Dat de ziekte tegenwoordig vaak voorkomt, heeft met verscheidende zaken te maken. Allereerst vergroot het roken van tabak de kans op kanker aanzienlijk. Maar ook de hoeveelheid verontreinigende stoffen die sinds de industriële revolutie in de 18e eeuw in de lucht hangen doet een belangrijke duit in het zakje. Tevens is de kans dat je DNA-beschadigende virussen oploopt tijdens verre reizen toegenomen. En ten slotte leven we tegenwoordig langer dan in de Middeleeuwen, waardoor de kans dat je op een bepaald moment kanker krijgt, sowieso al toeneemt.

Ondanks de interessante bevindingen waarschuwen de onderzoekers dat de steekproefomvang redelijk beperkt is. Bovendien stellen ze dat het diagnosticeren van kanker bij mensen die al eeuwen geleden overleden zijn, vrij uitdagend is. En dus pleiten ze voor vervolgonderzoek.

“Met behulp van CT-scans zouden we ogenschijnlijk normale skeletten afkomstig uit verschillende regio’s en daterend uit andere tijdsperioden willen bestuderen,” zegt onderzoeksleider Piers Mitchell. “Op die manier willen we achterhalen hoe vaak mensen uit belangrijke beschavingen in het verleden precies kanker kregen.”