Even huilen mag: deze kant van Saturnus zullen we de komende 15 jaar niet meer zien.

Ruimtesonde Cassini maakte de prachtige foto begin juni. Op dat moment was de sonde zo’n 1,21 miljoen kilometer van Saturnus verwijderd en keek deze naar de nachtzijde van de gasreus.

Het resulteert in een fantastische foto die alleen een ruimtesonde als Cassini had kunnen maken. Want hoe krachtig de telescopen op aarde ook zijn: hiervandaan kunnen we alleen de dagzijde van Saturnus bewonderen. Het betekent dat we echt afscheid moeten gaan nemen van dit soort uitzichten. Want Cassini is dood. De sonde stortte zich half september in de atmosfeer van Saturnus en spatte kort daarna uiteen. Wat overblijft is een schat aan onderzoeksgegevens en kiekjes die we ongetwijfeld nog lange tijd zullen koesteren. Want een opvolger heeft Cassini (nog) niet. En dus is die mooie tijd waarin Saturnus continu – en uit alle mogelijke hoeken – bespied werd, voorbij.

Afbeelding: NASA / JPL-Caltech / Space Science Institute.

Het goede nieuws is dat er wel voorzichtige plannen zijn voor een vervolgmissie. Deze zal zich waarschijnlijk richten op Titan: één van de spannendere manen van Saturnus (zie kader hieronder). Maar zelfs als die missie groen licht krijgt, zal de lancering pas halverwege het volgende decennium plaatsvinden. Tel daar nog een paar jaar reistijd bij op en voor je het weet is het 2030 voor we weer een frisse stroom aan adembenemende kiekjes van Saturnus kunnen verwachten. Zoals gezegd: even huilen mag.

Saturnus heeft zo’n 65 manen en Titan is – met een doorsnede van 5150 kilometer – de grootste. Maar deze maan is om meer redenen bijzonder. Zo bezit Titan heuse zeeën en meren (waar je overigens niet op kunt surfen). Ook bezit de maan een dikke atmosfeer waarin complexe organische moleculen, oftewel bouwstenen van leven, te vinden zijn. Bovendien sluiten onderzoekers niet uit dat onder de ijzige korst van de maan een oceaan zit die bestaat uit vloeibaar water.