cassini

Weer een mijlpaal voor Cassini: de ruimtesonde scheerde eind vorige week voor de honderdste keer langs Saturnus’ maan Titan. En dat betekent dat deze de maan voor de honderdste keer ietsje minder mysterieus maakt.

Met elke ‘flyby’ van Cassini komen we namelijk net weer ietsje meer over Titan te weten. Dat blijkt wel wanneer we onze kennis over Titan vergelijken met de kennis die we voor Cassini aan de slag ging, bezaten. Begin deze eeuw wisten we niet veel meer dan dat Titan een nevelige oranjekleurige bal ter grootte van Mercurius was en dat die ‘bal’ net als de aarde een dikke stikstof-atmosfeer had. Wat zich onder de dikke nevel ophield, was koffiedik kijken.

Organische moleculen en zeeën
Anno 2014 is dat dankzij Cassini heel anders. We weten dat Titan meren en zeeën bezit die bestaan uit vloeibaar methaan en ethaan. En we weten dat diep onder het oppervlak een flinke laag vloeibaar water te vinden is. Bovendien wemelt de atmosfeer van Titan van de organische moleculen die ontstaan doordat methaan door straling van de zon wordt afgebroken. Onlangs slaagden onderzoekers er met behulp van Cassini zelfs in om de diepte van één van de zeeën op Titan te meten. Die zee – Ligeia Mare – bleek 160 meter diep te zijn.

WIST U DAT…

…Usain Bolt kan vliegen op Titan?

Lente
En nu scheerde Cassini dus voor de honderdste keer langs Titan. Tijdens die flyby passeerde Cassini de maan op een afstand van zo’n 1500 kilometer. Wellicht vraagt u zich af of er voor Cassini nog wel eer te behalen valt. Na honderd flyby’s heeft de sonde toch wel alles gezien wat er te zien valt? Zeker niet! Sterker nog: de belangrijkste ontdekkingen liggen wellicht nog in het verschiet. Binnenkort gaat Cassini namelijk iets zien wat deze nog nooit gezien heeft: het wordt lente op het noordelijk halfrond van Titan. De wind zwelt aan, net als de golven. En met meer zonlicht kan Cassini de meren en zeeën nog beter bestuderen en wellicht zelfs iets te weten komen over het omringende landschap.

Het is zelfs niet ondenkbaar dat we in een later stadium – voortbouwend op alles wat Cassini nu doet – leven aan gaan treffen op Titan. “Methaan bevindt zich niet alleen in de atmosfeer, maar waarschijnlijk ook in de korst,” legt onderzoeker Jonathan Lunine uit. “Het is een aanwijzing dat organisch materiaal niet alleen in de lucht en op het oppervlak van Titan te vinden is, maar ook in het binnenste van de maan waar tevens vloeibaar water te vinden is. Organische materialen zijn de bouwblokken van leven en als zij in contact komen met vloeibaar water is er een kans dat we levensvormen gaan vinden.” En niet alleen het water diep onder het oppervlak faciliteert mogelijk leven. Het zou ook zomaar kunnen dat in de meren op Titan leven te vinden is.