Aangezien er steeds minder zeeanemonen zijn, besluiten clownvissen om hun huisjes vaker te delen met anderen. Dit blijkt uit een uitgebreid onderzoek naar de biodiversiteit van de zogenoemde Koraaldriehoek. Dit zijn de tropische wateren ten westen van Indonesië, Maleisië, Papoea-Nieuw-Guinea, Filipijnen, Oost-Timor en de Salomonseilanden.

“We zijn erachter gekomen dat het aantal clownvissen groter is dan het aantal zeeanemonen (de ‘huisjes’ van clownvissen, red.), waardoor er een situatie ontstaat waarbij er een tekort is aan zeeanemonen”, zegt Dr. Emma Camp van de universiteit van Essex. “Clownvissen gaan niet op zoek naar andere plekken om te schuilen, maar delen hun zeeanemonen met anderen.”

Het is momenteel nog onbekend of hokken de risico’s voor clownvissen vergroot of verkleind. Het feit dat de clownvissen bereid zijn om hun plekje te delen, laat in ieder geval zien dat er sprake is van weinig agressie. Misschien is dit wel de sleutel tot succes voor clownvissen, waardoor zij ook in mindere tijden in staat zijn om te overleven.

Overigens zijn clownvissen niet de enige dieren die hun anemonen delen. Ook andere vissen en schaaldieren wonen samen in een anemoon (of een andere microhabitat). Samen zorgen zij ervoor dat deze microhabitats worden beschermd, waardoor zij een belangrijke bijdrage leveren aan het in stand houden van de rijke biodiversiteit in de Koraaldriehoek.

Benieuwd naar het paper? Het is onlangs gepubliceerd in het wetenschappelijke vakblad Proceedings of the Royal Society B Biological Sciences.