emotie

Het klinkt als sciencefiction, technologie die menselijke emoties begrijpt. Toch doen grote bedrijven als Apple, Intel en Microsoft hier onderzoek naar. Ook Egon van den Broek, onderzoeker aan de Universiteit Twente richt zich op ‘affective computing‘, waarbij zijn aandacht vooral uitgaat naar het meten van spraak, zweetsecretie, spierspanning, lichaamstemperatuur en hartslag.

Van den Broek richt zich op onderzoek naar emoties van drie verschillende groepen: patiënten met een posttraumatische stressstoornis, kinderen met autismekenmerken en kinderen met een antisociale gedragsstoornis. Het meten van signalen gaat tegenwoordig erg makkelijk, bijvoorbeeld via de smartphone. Maar ook via de Kinect van Microsoft. Deze interpreteert bewegingen van ons lichaam. Van den Broek vertelt hierover: “Twintig jaar geleden was dat meten nog een probleem, maar nu hebben onze smartphones allemaal een goede camera, zijn webcams sterk ontwikkeld en zijn er veel nieuwe apparaten. Het beeld waarbij iemand onder de draden en sensoren zit, is verleden tijd. Het meten van al die emoties is niet meer zo’n moeilijke opgave, de truc is het vertalen en begrijpen van al die signalen. Dat is waar mijn onderzoek over gaat. Met wiskundige modellen kunnen wij die emoties beter duiden.”

Posttraumatische stresstoornis
Bij dit onderzoek vertelden 25 vrouwen over hun traumatische ervaringen. Wetenschappers namen de spraaksignalen op en analyseerden deze. Het spraaksignaal vertelt al veel over onze emoties. Een bijkomend voordeel is dat deze therapiesessies vaker worden opgenomen en dat patiënten hieraan al gewend zijn. Het onderzoek lijkt vooral aan te slaan bij het verwerken van een trauma.

WIST U DAT…

Autisme
Van den Broek doet ook onderzoek naar kinderen met een autisme, een moeilijke groep, aldus Van den Broek. Affective computing kan helpen bij het bepalen van een diagnose. Zo worden bijvoorbeeld oogbewegingen geanalyseerd met behulp van een eye-tracker. In de toekomst kan deze analyse worden overgenomen door een webcam of met de camera in een smartphone. Met deze camera kunnen dan ook bewegingen van mondhoeken, wenkbrauwen en lippen bekeken worden. Tot nu toe worden gezichtsbewegingen echter met behulp van biosignals (zogenaamde electromyography) gemeten. Daarnaast wordt ook gekeken naar hartslag en zweetsecretie.

De derde groep bestaat uit adolescenten met een antisociale gedragsstoornis. Zij zijn vaak agressief en dreigen sneller in de criminaliteit terecht te komen. Naast het gebruik van de eye-tracker worden signalen gemeten met behulp van apparaten die wij op ons lichaam dragen. Deze techniek is erg in opkomst en wordt naast affective computing gebruikt. Bij deze methode worden sensoren direct op de huid geplaatst of met de huid in contact gebracht, bijvoorbeeld middels een sieraad. Hierbij moeten wij denken aan Google Glasses, bepaalde kleding of horloges.