Het gevaar van een tweede golf is reëel. En we moeten ons er nú op voorbereiden.

Tot die conclusie komt de Academy of Medical Sciences in een nieuw rapport dat vandaag is verschenen. In het rapport wijzen de onderzoekers erop dat er aanwijzingen zijn dat SARS-CoV-2 zich ‘s winters gemakkelijker verspreidt en een tweede besmettingsgolf weleens veel omvangrijker en ernstiger kan zijn dan de eerste.

Groot-Brittannië
Het rapport richt zich specifiek op Groot-Brittannië, dat met meer dan 290.000 besmettingen en meer dan 44.000 sterfgevallen tijdens de eerste besmettingsgolf zwaar getroffen is. Maar veel van de bevindingen uit het rapport gelden ook voor andere West-Europese landen – zoals Nederland – die ‘s winters met vergelijkbare weersomstandigheden en uitdagingen te maken hebben.


Die weersomstandigheden lijken het coronavirus op verschillende manieren in de kaart te spelen. Zo zijn er redenen om aan te nemen dat het virus zich bij een lagere luchtvochtigheid beter kan verspreiden. Daarnaast brengen mensen ‘s winters meer tijd binnen door, waar het virus mogelijk veel langer in de lucht kan blijven hangen dan tot voor kort mogelijk werd geacht.

Mogelijk 119.000 slachtoffers in ziekenhuizen
Omdat we te maken hebben met een virus dat we nog maar kort kennen en waar we nog lang niet alles van weten, blijft het in zekere mate gissen hoe het zich in de wintermaanden gedraagt en hoe de eventuele tweede besmettingsgolf er precies uit gaat zien. Maar afgaand op wat we nu weten, doet Groot-Brittannië er volgens de onderzoekers goed aan om zich voor te bereiden op een ‘redelijk slechtst denkbaar scenario’ waarbij het reproductiegetal vanaf september weer opklimt naar 1.7. Dat betekent dat elke coronapatiënt gemiddeld 1.7 mensen met het virus besmet. Modellen wijzen uit dat Groot-Brittanië in zo’n scenario vrij snel afstevent op een piek in ziekenhuisopnames en sterftes door SARS-CoV-2. Die piek zou in januari of februari 2021 worden bereikt en samenvallen met een periode waarin het Britse zorgstelsel altijd al flink op de proef wordt gesteld. Naar schatting zou het aantal mensen dat door toedoen van het virus in het ziekenhuis komt te overlijden tussen september 2020 en juni 2021 oplopen tot 119.000, zo stellen de onderzoekers. Daarbij zijn mensen die in verpleegtehuizen aan het virus ten slachtoffer vallen dus nog niet meegeteld. Bovendien is er in dit scenario geen rekening gehouden met nieuwe maatregelen die de overheid gaandeweg zou nemen om het aantal besmettingen te beperken of de inzet van medicatie – zoals dexamethason – waarvan recent is bewezen dat het de overlevingskansen van coronapatiënten vergroot. “Dit is geen voorspelling,” zo benadrukt onderzoeker en hoofdauteur van het rapport, Stephen Holgate. “Het is een mogelijkheid. De modellen suggereren dat het aantal doden tijdens een nieuwe besmettingsgolf in de winter hoger kan uitvallen.”

Griep en corona
Dat heeft overigens niet alleen te maken met veranderende weersomstandigheden die het coronavirus mogelijk in de kaart spelen. Wat ook een rol speelt, is dat het zwaar op de proef gestelde zorgstelsel nog aan het bijkomen is van die eerste besmettingsgolf én het ‘s winters traditioneel al wat lastiger heeft, doordat dan ook andere infectieziekten – zoals griep – de kop opsteken. En het gevaar bestaat dat een griepepidemie samen gaat vallen met een piek in coronabesmettingen en zo het uiterste van ons gezondheidsstelsel gaan vragen. “Elke winter zien we een toename in het aantal mensen dat in het ziekenhuis moet worden opgenomen en het aantal mensen dat komt te overlijden,” stelt professor Anne Johnson, één van de deskundigen die meeschreef aan het rapport. “Dit is te wijten aan een combinatie van seizoensgebonden infectieziekten, zoals de griep, en de effecten die koud weer heeft op bijvoorbeeld hart- en longziekten. Deze winter is er tevens de mogelijkheid dat er een tweede besmettingsgolf ontstaat, terwijl we nog te maken hebben met de impact van de eerste golf. Tegelijkertijd moeten we ons voorbereiden op de mogelijkheid dat we dit jaar een griepepidemie gaan meemaken.” Zo’n griepepidemie zet niet alleen het gezondheidsstelsel verder onder druk, maar maakt het – doordat griep grofweg gekenmerkt wordt door dezelfde symptomen als het coronavirus – tevens een stuk lastiger om iedereen met coronaklachten te testen.


Maatregelen
“Nu we – na een reeds lastig jaar – voor deze uitdagingen kunnen komen te staan, kunnen we ons gemakkelijk hopeloos en machteloos gaan voelen,” stelt Johnson. Maar dat hoeft niet. Sterker nog: het slechtst denkbare scenario kan mogelijk worden afgewend als er nu actie wordt ondernomen. “Nu het aantal coronagevallen relatief laag ligt, is dit het moment waarop we de mogelijkheid hebben om ons voor te bereiden op het ergste wat deze winter ons kan gaan brengen,” aldus Holgate.

En in hun rapport komen de onderzoekers dan ook met een aantal aanbevelingen. Zo moet de testcapaciteit snel worden opgeschaald. Ook moet er een systeem worden opgezet dat bijna in real time een goed beeld geeft van hoe het er nu voorstaat met het aantal nieuwe besmettingen, ziekenhuisopnames, sterftes, etc. zodat de besmettingsgolf nauwgezet gevolgd kan worden en er op basis van die data maatregelen kunnen worden getroffen om het virus in te dammen. Daarnaast is het belangrijker dan ooit dat kwetsbare groepen en zorgmedewerkers hun griepprik halen, en zich zo beschermd weten tegen de ergste effecten die een griepepidemie kan hebben. Tenslotte is het van belang dat mensen zich bewust blijven van de gevaren van het virus (en de dreiging die er met name in de wintermaanden van uitgaat), alle coronamaatregelen scherp blijven opvolgen en risicogroepen een corona-advies op maat krijgen. “We moeten de kans op besmetting door het coronavirus en griepvirussen overal – maar met name in ziekenhuizen en verpleegtehuizen – zo klein mogelijk maken,” concludeert Johnson. “We moeten onze gezondheidszorg en sociale zorg op orde krijgen en een programma klaar hebben liggen om ook in de winter te kunnen testen, contactonderzoek te kunnen doen en mensen te kunnen isoleren. Het is mogelijk, maar het moet wel nu gebeuren.”

Sinds het coronavirus SARS-CoV-2 in december 2019 in China opdook, zijn er wereldwijd al meer dan 13 miljoen mensen met het virus besmet geraakt. En meer dan 573.000 mensen zijn door toedoen van het virus overleden. Terwijl veel Europese landen het virus momenteel aardig onder controle lijken te hebben, neemt het aantal nieuwe besmettingen in andere delen van de wereld nog altijd snel toe. Zo werden afgelopen zondag nog meer dan 230.000 nieuwe besmettingsgevallen gemeld. De helft daarvan werd in Brazilië en de Verenigde Staten vastgesteld. De twee landen hebben het de laatste weken zwaar te verduren. Zo is het virus in de VS al bij meer dan 3,3 miljoen mensen vastgesteld en zijn er meer dan 135.000 doden te betreuren. In Brazilië staat het aantal bevestigde besmettingen op meer dan 1,8 miljoen. Meer dan 72.000 Brazilianen zijn al aan het virus bezweken. Ondertussen zien we in landen die het virus onder controle leken te hebben en versoepelingen doorvoerden, weer nieuwe uitbraken ontstaan. Het maakt duidelijk dat het virus elke verspreidingskans aangrijpt. “Als de basale gezondheidsprincipes – social distancing, handen wassen, een mondmasker dragen, hoesten in de elleboog en thuisblijven als je ziek bent – niet gevolgd worden, dan kan deze pandemie maar op één manier verlopen. Het wordt erger en erger en erger,” zo waarschuwde Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de WHO, gisteren nog. “Maar zo hoeft het niet te gaan. Elke leider, elke overheid en elk individu kan zijn steentje bijdragen aan het doorbreken van de transmissieketen en het beëindigen van dit collectieve lijden. Ik zeg niet dat het gemakkelijk is, want dat is het duidelijk niet (…) Maar ik wil heel duidelijk met je zijn: er is in de nabije toekomst geen sprake van een terugkeer naar het ‘oude normaal’. Wel is er een routekaart die de weg uitstippelt naar een situatie waarin we de ziekte controleren en weer door kunnen gaan met ons leven. Maar dat vereist drie dingen: een focus op het beperken van de sterfte en de verspreiding van het virus. Ten tweede, een betrokken gemeenschap waarin individuen hun gedrag omwille van anderen aanpassen. En ten derde een krachtig leiderschap van overheden die strategieën duidelijk en consistent communiceren. Het kan. En het moet.”