Terwijl rijke landen zich haasten om vaccins in te slaan, zullen met name lage- en middeninkomenslanden mogelijk nog tot 2022 geduld moeten hebben.

Op dit moment staan landen in de rij voor een werkend coronavaccin dat hopelijk een einde zal maken aan de almaar voortdurende pandemie. Maar of de vaccins eerlijk over de wereld verdeeld gaan worden? Dat valt nog te bezien. Want onderzoekers waarschuwen in een nieuwe studie dat het coronavaccin voor bijna een kwart van de wereldbevolking – en dan met name lage- en middeninkomenslanden – pas in 2022 beschikbaar komt.

Verdeling
Rijke landen lijken voornamelijk aan het langste eind te trekken. Halverwege november hadden verschillende landen bijna 7,5 miljard vaccindoses gereserveerd. Iets meer dan de helft (51 procent) van deze doses gaat naar landen met een hoog inkomen, die slechts 14 procent van de wereldbevolking vertegenwoordigen. Landen met een laag en gemiddeld inkomen zullen de rest krijgen, ondanks dat deze landen samen meer dan 85 procent van de wereldbevolking uitmaken.

2022
Dit betekent dat een groot deel van de wereld nog even op een coronavaccin moet wachten. Want ook al zouden de fabrikanten van de coronavaccins erin slagen om hun maximale productiecapaciteit te behalen, dan nog zou bijna een kwart van de wereldbevolking pas in 2022 gevaccineerd kunnen worden. “Deze studie laat zien dat hoge inkomenslanden hun toekomstige bevoorrading van het coronavaccin hebben veiliggesteld terwijl dat voor de rest van de wereld onzeker is,” zo schrijven de onderzoekers.

Vaccins
In de afgelopen maanden zijn door onderzoeksgroepen wereldwijd in sneltreinvaart coronavaccins ontwikkeld. En een aantal daarvan wordt op dit moment op mensen getest. De eerste resultaten druppelen sinds een paar weken binnen en zijn over het algemeen fenomenaal. Zo kondigde het bedrijf Pfizer in november aan dat zijn coronavaccin voor zo’n 90 procent effectief was. Niet lang daarna lieten de Russen weten dat hun Sputnik V-vaccin voor zo’n 95 procent effectief was. Vervolgens bleek dat ook het vaccin ontwikkeld door Oxford en Astrazeneca bescherming bood tegen COVID-19. En, last but not least, werd bekend dat ook het vaccin ontwikkeld door Moderna in 94 procent van de gevallen bescherming biedt tegen COVID-19 en voorlopig zelfs volledige bescherming lijkt te bieden tegen een ernstig ziekteverloop.

Tegelijkertijd bracht het team in kaart hoeveel mensen er bereid zijn om zich te laten vaccineren. Hieruit blijkt dat zo’n 68 procent van de wereldbevolking (ongeveer 3,7 miljard volwassenen) zich wil laten inenten. Bovendien bestudeerden de onderzoekers de betreffende doelgroepen voor wie een coronavaccin het meest nodig is. Hieruit blijkt dat de omvang van deze ‘doelpopulatie’ voor het coronavaccin sterk varieert per geografische regio. “Dit benadrukt het zwakke evenwicht tussen het vraag en aanbod van de vaccins, vooral in lage- en middeninkomenslanden,” concluderen de onderzoekers. “Er is onvoldoende capaciteit om aan de binnenlandse vraag naar een COVID-19-vaccin te voldoen.”

Eerlijk
De bevindingen benadrukken hoe lastig het is om het zeer gewilde coronavaccin eerlijk over de wereld te verdelen. Bovendien illustreert het de aanzienlijke schaal en complexiteit van het vervaardigen, kopen, distribueren en toedienen van het vaccin op een zo redelijk mogelijke manier die voldoet aan mondiale behoeften. De onderzoekers wijzen de rijkere landen dan ook op hun verantwoordelijkheid. “Regeringen en fabrikanten kunnen de nodige garanties bieden voor een billijke toewijzing van COVID-19-vaccins,” zo schrijven ze. “Dat kunnen ze doen door transparanter te zijn en hun verantwoordelijkheid te nemen over de regelingen.”

Uitdagingen
Al met al suggereren de bevindingen dat de operationele uitdagingen van het wereldwijde COVID-19-vaccinatieprogramma minstens zo moeilijk zullen zijn als de wetenschappelijke uitdagingen om een vaccin te ontwikkelen. Maar, volgens de onderzoekers is het heel belangrijk dat er eerlijke en rechtvaardige strategieën worden bedacht om ervoor te zorgen dat het aanbod aan de vraag kan voldoen; met name in lage- en middeninkomenslanden. En daar sluiten meerdere landen zich bij aan. Veel landen hebben al laten zien mee te willen werken aan een eerlijke, wereldwijde beschikbaarheid tot het coronavaccin, door deze aan te schaffen via COVAX; een initiatief dat een deel van de betalingen investeert in vaccins voor armere landen.

Toch is volgens onderzoeker Jason Schwartz, verbonden aan Yale School of Public Health, waakzaamheid geboden om “er op toe zien dat dergelijke ambities in de komende maanden en jaren ook daadwerkelijk worden gerealiseerd,” zo stelt hij. “Voor een succesvolle en rechtvaardige verdeling van de coronavaccins is een ongekende wereldwijde coördinatie vereist,” gaat Schwartz verder, “en een bereidheid van hoge inkomenslanden om middelen – zowel financiële, logistieke als technische – te blijven inzetten.”