Hoewel de klimaattop pas in november zou plaatsvinden, is bekend gemaakt dat deze vanwege de pandemie niet doorgaat.

Volgens de VN en gastlanden Groot-Brittannië en Italië is het gezien de omstandigheden onmogelijk om een klimaattop te organiseren waar alle betrokken landen zich goed op kunnen voorbereiden. En daarom wordt deze uitgesteld. Wanneer de klimaattop nu plaats zal vinden, is onduidelijk. Dit jaar in ieder geval niet meer. “De wereld wordt momenteel geconfronteerd met een ongeëvenaarde, wereldwijde uitdaging en landen richten hun inspanningen op het redden van levens en bestrijden van COVID-19,” aldus Alok Sharma, de Britse minister van Economische Zaken. “En daarom hebben we besloten de klimaattop uit te stellen.”

Domper
Het is in het licht van de huidige situatie volslagen begrijpelijk. Maar het is tegelijkertijd een grote domper als het gaat om die andere strijd die we momenteel voeren: de strijd tegen klimaatverandering. Want die is nog volop gaande. De uitstoot neemt jaar na jaar toe en de tijd die ons nog rest om het tij te keren en de opwarming van de aarde behapbaar te houden, tikt weg. “De urgentie om de emissies naar beneden te krijgen is hoog. Erg hoog,” zo stelde klimaatonderzoeker Kiane de Kleijne toen we eind vorig jaar met haar terugblikten op 2019 en vooruit keken naar 2020.


Want de aarde is inmiddels al 1,1 graad Celsius warmer dan in pre-industriële tijden. En daarmee bevinden we ons dus al vrij dicht bij de beruchte 1,5 graad opwarming: de grens die alle ondertekenaars van het Parijse klimaatakkoord liever niet overschrijden. Het grote probleem is dat er een groot verschil zit tussen de beloftes die landen in 2015 tijdens de Parijse klimaattop hebben gedaan (de opwarming onder de 2 graden Celsius houden en bij voorkeur tot 1,5 graad Celsius beperken) en wat ze daadwerkelijk doen om hun emissies te verlagen. “Er is nog steeds een groot gat tussen waar de emissieverlagende beloften van landen (nationally determined contributions, kortweg NDCs) ons gaan brengen – ongeveer 3.2 graden opwarming in 2100 – en wat landen hebben beloofd in Parijs,” stelde De Kleijne eerder in gesprek met Scientias.nl. En tijdens de klimaattop in Glasgow had dat gat kleiner moeten worden. Daar waren landen het tijdens de vorige klimaattop – in Madrid – over eens geworden. Daar werd namelijk door landen overeengekomen dat de urgentie hoog is, dat het gat tussen waartoe de NDCs leiden (3,2 graden) en wat afgesproken is in Parijs (ruim onder de 2 graden, strevend naar 1,5 graad) snel moet worden gedicht en het van groot belang is dat landen de hoogst mogelijke ambitie tonen.

Anders
Die klimaattop komt er voorlopig door toedoen van COVID-19 dus niet. En toch kan 2020 nog het jaar van de ommekeer worden. Het jaar waarin de redding van het klimaat vorm begon te krijgen. Want, zo merkt secretaris-generaal van de klimaatconferentie, Patricia Espinosa, terecht op, nu alles is stilgevallen, moeten economieën straks opnieuw op gang gebracht worden. En wellicht kunnen we het dan anders gaan doen. “De economieën zullen spoedig weer opstarten. Dit is een kans om de economie van de 21e eeuw op een schonere, groenere, gezondere, rechtvaardigere en dus veiligere en veerkrachtigere manier vorm te geven.”

Hoe mooi zou het zijn als we nadat we straks wereldwijd dit virus overwonnen hebben, er ook in slagen om klimaatverandering een halt toe te roepen? En het kan nog steeds. Sterker nog: het moet. Espinosa: “COVID-19 is nu de meest urgente bedreiging voor de mensheid, maar we moeten niet vergeten dat klimaatverandering de grootste bedreiging is waar de mensheid op lange termijn mee te maken heeft.”