balletdanser

Waarom worden ervaren balletdansers niet of nauwelijks duizelig als ze een pirouette maken? Omdat hun brein ietsje anders is dan dat van u! Nieuw onderzoek suggereert dat een iets andere hersenstructuur de dansers in staat stelt om signalen van het evenwichtsorgaan te negeren en zo duizeligheid te voorkomen.

Duizeligheid ontstaat door toedoen van het evenwichtsorgaan in het binnenoor. Het evenwichtsorgaan bestaat uit met vloeistof gevulde kamers die voorzien zijn van kleine haren die bewegingen in de vloeistof kunnen waarnemen. Wanneer we ons lichaam snel ronddraaien – bijvoorbeeld tijdens een pirouette – komt die vloeistof in beweging. Maar door de snelle draaibeweging blijft die vloeistof ook nog in beweging nadat we zijn gestopt met draaien. En dat levert een duizelig gevoel op: we hebben het idee dat we nog steeds draaien.

Proefpersonen
Ervaren balletdansers zijn echter in staat om meerdere pirouettes achter elkaar uit te voeren, zonder duizelig te worden. Hoe doen ze dat toch? Wetenschappers van Imperial College London beten zich in die vraag vast. Ze verzamelden 29 balletdanseresssen en een controlegroep, bestaande uit 29 vrouwelijke roeiers die net zo oud en fit waren als de balletdanseressen.

WIST U DAT…

…de liervogel bij elk liedje een passend dansje heeft?

Ander brein
Uit een experiment bleek dat de balletdanseressen nadat ze gestopt waren met draaien veel korter dan de roeiers last hadden van draaierigheid. De onderzoekers bestudeerden daarop het brein van de balletdansers en ontdekten verschillen tussen de hersenen van de dansers en de roeiers. Het gebied in de kleine hersenen verantwoordelijk voor het verwerken van informatie van het evenwichtsorgaan bleek kleiner te zijn bij de balletdansers. De onderzoekers denken dat dat komt doordat balletdansers door jarenlange training de informatie van het evenwichtsorgaan deels gaan negeren. “Het is niet nuttig voor een balletdanser om zich duizelig of uit balans te voelen,” stelt onderzoeker Barry Seemungal. “Hun hersenen passen zich na jaren van training zo aan dat ze die informatie kunnen onderdrukken.” Ook bleken er verschillen te zijn tussen de hersenschors, verantwoordelijk voor de perceptie van duizeligheid, van de dansers en roeiers. Dat is goed te verklaren, aldus Seemungal. “Het signaal dat naar de delen van het brein die verantwoordelijk zijn voor de perceptie van duizeligheid gaan, wordt minder sterk en dat maakt dansers resistent tegen gevoelens van duizeligheid.”

De resultaten zijn niet alleen interessant voor balletdansers. “Duizeligheid is een veelvoorkomend probleem. Ik zie veel patiënten die gedurende langere tijd last hebben van duizeligheid.” Wellicht is het mogelijk om deze patiënten te behandelen door de delen van het brein die bij balletdansers anders zijn, te monitoren of op de één of andere manier iets aan te passen.