We kennen er allemaal wel eentje: een slechte grappenmaker die denkt dat hij heel komisch is. Wetenschappers achterhalen nu waar zijn onterechte zelfbeeld vandaan komt. Het komt door u: zijn publiek.

Soms is het onderwerp gewoon fout. Soms klopt de timing niet. Of soms is de hele grap gewoon vreselijk. Slechte grappenmakers zijn overal. Opvallend genoeg zijn ze zichzelf vaak niet bewust van het feit dat ze zo slecht zijn in het maken van grappen. Sterker nog: ze denken vaak bijzonder grappig te zijn.

Lachers
Waar ontlenen ze dat waanidee aan? Een wetenschapper van Florida State University zocht het uit. Ze zette twee mensen met een tegengestelde mening tegenover elkaar. Eén van de personen kreeg de opdracht de ander ervan te overtuigen dat zijn mening beter was. Opvallend genoeg glimlachte de ander vaak en gaf deze de ander soms zelfs deels gelijk. Hierdoor werd de kans op een conflict kleiner, maar kreeg de pleiter ook (onterecht) het idee dat hij een goede debater was. In een tweede onderzoek vertelden mensen grappen. Deze grappenmakers bleken te denken dat ze grappiger waren dan in werkelijkheid het geval was. Dat kwam doordat ze geen onderscheid konden maken tussen de oprechte en beleefde lachjes van hun publiek.

WIST U DAT…

Sociale norm
Hoe slecht een grap ook is: er zijn altijd wel een paar mensen die er toch om moeten lachen. En dat geeft de verteller van de grap zelfvertrouwen. Maar waarom lachen die mensen als de grap zo slecht is? Joyce Ehrlinger concludeert op basis van haar experimenten dat het alles te maken heeft met sociale normen. Die normen voorzien ons van een aversie tegen het geven van negatieve feedback. We zijn als het ware getraind om de ander te ontzien. Resultaat is wel dat de ander nooit de waarheid hoort en er een onterecht beeld van zichzelf op nahoudt. Maar is dat een probleem?

“Bepaalde vormen van overmoed kunnen geen kwaad en ik suggereer ook niet dat we zouden moeten stoppen met het leven in een beleefde samenleving,” benadrukt Ehrlinger. “Het ergste wat kan gebeuren als mensen denken dat ze grappiger zijn dan in werkelijkheid het geval is, is dat ze zich een beetje voor schut zetten of hun tijd en moeite verspillen door auditie te doen voor ‘America’s Got Talent’.” Maar soms kan overmoed wel schadelijk zijn. “Overmoedige dokters en advocaten kunnen hun patiënten of cliënten slecht advies geven.” In zo’n geval zou het geen kwaad kunnen om onze beleefdheid opzij te zetten en de waarheid te zeggen.