Het ene dier draagt veel meer vet bij zich dan het andere. En onderzoekers denken die verschillen nu te kunnen verklaren.

Het lijkt wel of er totaal geen logica inzit. Een grotere vleermuis heeft relatief gezien minder vet dan een kleine vleermuis. Maar een grote vleeseter heeft aanzienlijk meer dan een kleine vleeseter. En bij de knaagdieren is het weer zo dat de dieren met een gemiddelde grootte het meeste vet hebben.

Model
Onderzoekers van de universiteit van Bristol probeerden toch de logica in bovenstaande situatie te achterhalen. Ze gebruikten daarvoor wiskundige modellen. Met de modellen probeerden ze uit te vinden hoeveel spieren en vet de dieren idealiter nodig hadden om te overleven.

Voor- en nadelen
Vet is handig wanneer de dieren even geen voedsel tot hun beschikking hebben. Ze kunnen dan op hun vet teren. Maar het kan ook in de weg zitten. Want vet maakt de dieren ook langzamer en dat is onhandig wanneer een roofdier ze op de hielen zit. Natuurlijk kunnen de dieren om dat laatste te voorkomen sterkere spieren ontwikkelen. Maar sterkere spieren hebben weer meer energie nodig en dat is weer lastig wanneer er een tekort aan voedsel is.

WIST U DAT…

In de weg
In het wiskundige model werden al deze voor- en nadelen meegenomen. De onderzoekers ontdekten dat verschillende hoeveelheden vet vooral goed te verklaren waren door met twee dingen rekening te houden. Ten eerste: hoe het dier uithongering voorkomt. En ten tweede: hoe het dier voorkomt dat deze door andere dieren wordt verorberd. Want: vet is handig, totdat het de dieren in de weg gaat zitten.

Verklaring
Zijn daarmee dan de verschillen te verklaren? In bovengenoemde soorten wel, zo tonen de onderzoekers in het blad The American Naturalist aan. Vleermuizen vliegen en hebben dus echt veel last van teveel vet. Daarom hebben grotere vleermuizen dus minder vet. Vleeseters jagen maar een klein deel van hun tijd. Het grootste deel liggen ze en zit het vet ze dus niet in de weg. Bovendien hebben grotere vleeseters minder te vrezen van roofdieren. Vandaar dat zij meer vet bij zich kunnen dragen. Knaagdieren daarentegen zijn altijd druk met voedsel verzamelen en dus is het een te groot risico om veel vet te hebben.

De onderzoekers benadrukken dat er meer factoren zijn die invloed hebben op de hoeveelheid vet die dieren met zich meedragen. Bijvoorbeeld geslacht en het klimaat. In de toekomst hopen ze nog meer dieren en hun vetpercentages te bestuderen om hun theorie te testen.