Het is een symptoom van klimaatverandering dat de opwarming van de aarde ook nog eens kan versterken.

De cryosfeer is een verzamelnaam voor alle gebieden op aarde waarin water voorkomt in de vorm van sneeuw, (zee)ijs of permafrost. Dat de cryosfeer te lijden heeft onder klimaatverandering is overduidelijk. Zo hebben talloze studies aangetoond dat gletsjers dunner worden. Ook zijn er veel onderzoeken die uitwijzen dat de ijskappen krimpen. En weer andere studies onthullen dat zee-ijs verdwijnt.

Cryosfeer
Maar in al die eerdere studies richtten onderzoekers zich telkens op een specifiek deel van de cryosfeer. Bijvoorbeeld: de Groenlandse ijskap of het Arctisch zee-ijs. Nog nooit is gekeken naar de impact die klimaatverandering op de complete cryosfeer heeft. Een nieuw onderzoek – verschenen in het blad Earth’s Future – brengt daar echter verandering in.

In de studie onthullen onderzoekers dat de cryosfeer tussen 1979 en 2016 gemiddeld elk jaar zo’n 87.000 vierkante kilometer kleiner is geworden. Ter vergelijking: Nederland heeft een oppervlakte van zo’n 41.500 vierkante kilometer. “De cryosfeer is één van de gevoeligste klimaatindicatoren en de eerste die laat zien dat de wereld verandert,” stelt onderzoeker Xiaoqing Peng. “De verandering in omvang onthult een enorme, wereldwijde verandering.”

Noordelijk halfrond versus zuidelijk halfrond
De cryosfeer blijkt met name op het noordelijk halfrond flink in te leveren. Daar werd de cryosfeer elk jaar zo’n 102.000 vierkante kilometer kleiner. Het verlies op het noordelijk halfrond wordt een heel klein beetje gecompenseerd door winst op het zuidelijk halfrond, waar de cryosfeer gemiddeld elk jaar zo’n 14.000 vierkante kilometer groter wordt. De groei vindt daar voornamelijk plaats in de Rosszee rond Antarctica. Dat het zee-ijs daar toeneemt is volgens de onderzoekers te danken aan windpatronen en oceaanstromingen én het feit dat er koud smeltwater van de Antarctische ijskap aan het water wordt toegevoegd.

WIST JE DAT…
…de cryosfeer bijna driekwart van het zoete water op aarde herbergt?

Het onderzoek wijst niet alleen uit dat de cryosfeer kleiner wordt. De data onthullen ook dat veel gebieden steeds korter bevroren zijn. De eerste vorstdag dient zich tegenwoordig gemiddeld 3,6 dagen later aan dan in 1979. En ijs dooit nu zo’n 5,7 dagen eerder dan in 1979.

Trend
Dat de cryosfeer aan verandering onderhevig is, is niets nieuws. Zo zien we bijvoorbeeld dat de omvang van de cryosfeer door de seizoenen heen van nature verandert; in de winter dijt de cryosfeer uit, om ‘s zomers weer te krimpen. Maar wat onderzoekers nu vaststellen is een trend op de lange termijn, waarbij de gemiddelde jaarlijkse omvang van de cryosfeer sinds 1979 afneemt. En die afname valt samen met de stijgende temperaturen en is dus te herleiden naar de opwarming van de aarde.

Niet alleen een symptoom
Maar de krimpende cryosfeer is niet alleen een symptoom van antropogene opwarming, zo benadrukken de onderzoekers. Als de omvang van het oppervlak dat bedekt is met ijs of sneeuw afneemt, kan dat ook bijdragen aan een verdere opwarming. IJs en sneeuw reflecteert namelijk zonlicht en warmte en koelt zo de planeet. Maar wanneer ijs of sneeuw verdwijnt, komt een veel donkerder oppervlak bloot te liggen dat zonlicht en warmte juist absorbeert. En dat kan (lokaal) leiden toch nog hogere temperaturen en dus nog meer smelt.

In de toekomst kunnen de data uit dit onderzoek wellicht gebruikt worden om na te gaan op welk moment in het jaar ijs- en sneeuwbedekking ervoor zorgt dat het aardoppervlak het meeste zonlicht weerkaatst. En wellicht kan zelfs worden nagegaan hoe veranderingen in de albedo (het weerkaatsingsvermogen van het aardoppervlak) op maandbasis of door de seizoenen heen van invloed is op het klimaat. Daarnaast kan ook worden onderzocht hoe klimaatverandering de cryosfeer in de komende jaren beïnvloedt en welke impact dat heeft op lokale ecosystemen.