Robots hadden op tal van plekken en op verschillende manieren kunnen helpen in de strijd tegen het virus.

Tot die conclusie komen onderzoekers in het blad Science Robotics. De wetenschappers wijzen er in hun paper onder meer op dat mensen in de strijd tegen COVID-19 gevaarlijk, maar soms ook ronduit saai werk moeten verrichten dat in theorie ook prima door robots kan worden gedaan. Denk aan het meten van de lichaamstemperatuur van mensen op luchthavens, maar ook het testen van mogelijke coronapatiënten of het desinfecteren van oppervlakken in ziekenhuizen of afvoeren en verwerken van mogelijk besmet afval(water). Door dergelijke taken door robots uit te laten voeren, wordt de mate waarin mensen aan het virus worden blootgesteld al flink beperkt, en daarmee wordt ook de verspreiding van het virus afgeremd.

Isolatie
Daarnaast kunnen robots ook een rol van betekenis spelen voor mensen die noodgedwongen in quarantaine of isolatie zitten. Zo kunnen sociale robots deze mensen gezelschap houden en zo gevoelens van eenzaamheid bestrijden.


Ontwikkeling
Het idee dat robots op deze manieren van betekenis kunnen zijn tijdens een pandemie is niet nieuw. Tijdens eerdere uitbraken van infectieziekten – zoals bijvoorbeeld ebola, in 2015 – stelden onderzoekers al vast dat robots het verschil konden maken in dergelijke crisissituaties. Er is echter één probleem. Het vereist namelijk dat robots bepaalde vaardigheden hebben die momenteel – doordat er geen geld voor wordt vrijgemaakt – niet worden ontwikkeld.

Meer onderzoek
En dat moet – zo stellen de onderzoekers nu een nieuw virus de wereld tot stilstand brengt – anders. Ze pleiten in hun paper dan ook voor meer onderzoek naar en ontwikkeling van robots die tijdens pandemieën kunnen worden ingezet om virussen te bestrijden. “Anders zal de geschiedenis zich herhalen en zijn robots niet klaar om ons tijdens het volgende incident te assisteren,” aldus de wetenschappers. Het vereist dat techneuten om de tafel gaan met bijvoorbeeld epidemiologen, en er multidisciplinair wordt nagedacht over wat robots in een pandemie voor ons kunnen betekenen.

Natuurlijk zijn er vandaag de dag al behoorlijk geavanceerde robots. Maar vaak vinden we ze nog in universiteiten, waar ze voornamelijk dienst doen als proof-of-concept. En niet zelden zijn deze robots weinig autonoom en als ze dat al zijn, alleen in een omgeving die nauwelijks aan verandering onderhevig is. Het betekent dat deze robots tekortschieten als het gaat om wat we tijdens een pandemie van ze willen. Dan wil je namelijk behoorlijk wat robots tot je beschikking hebben, die autonoom kunnen handelen, ook in een omgeving die ze niet kennen of die verandert.

KI
De grote uitdaging is nu om die robots verder te ontwikkelen. En uit te zoeken wat de robotica in crisissituaties zoals deze nog meer voor ons kan betekenen. Wat dat betreft wordt er ook hoopvol gekeken naar kunstmatige intelligentie (KI). Op dit moment wordt in Nederlandse ziekenhuizen bijvoorbeeld KI ingezet om te achterhalen welke behandeling en welke zorgcapaciteit nodig is. Hiertoe wordt op de IC verzamelde data automatisch gebundeld en met behulp van machine learning geanalyseerd. Maar er zijn nog veel meer mogelijkheden om KI in te zetten, zo stellen de onderzoekers.


De wetenschappers zien de coronacrisis als een ‘wake-up call‘ voor de robotica. Want er is zoveel meer mogelijk als techneuten, artsen en industrie de handen ineenslaan én er geld beschikbaar wordt gesteld voor het verder ontwikkelen van robots en KI in crisissituaties. Voor COVID-19 is het te laat. De vraag is echter niet of er zich nog een nieuwe pandemie voordoet, maar wanneer dat gebeurt. En dan moet de robotica een steentje bij kunnen dragen, aldus de onderzoekers.