postduif

Postduiven gebruiken een ‘kaart’ om de weg naar huis te vinden. Die kaart vertelt ze bijvoorbeeld dat hun thuis zich in het zuiden bevindt. Nieuw onderzoek toont nu aan dat de informatie die duiven als ‘kaart’ gebruiken, in de atmosfeer te vinden is, in de vorm van wind en geuren.

Postduiven, maar ook andere soorten vogels, weten feilloos de weg. Om te navigeren, maken de vogels gebruik van een ‘kaart’ die ze vertelt dat hun thuis zich bijvoorbeeld in het noorden bevindt. Ook beschikken de vogels over een ‘kompas’, dat ze vertelt waar dat noorden dan is. Uit eerdere onderzoeken is al gebleken dat de vogels de zon en het magnetisch veld van de aarde als kompassystemen gebruiken. Maar welke informatie gebruiken ze nu als ‘kaart’?

Hypothese
Onderzoeker Hans Wallraff had daar wel ideeën over. Tijdens een eerder onderzoek bestudeerde hij de lucht – en dan met name de chemische stofjes die daarin zaten en een geurtje hadden – op negentig locaties in een straal van 200 meter rondom een voormalig duivenhok. Hij ontdekte dat de verhouding tussen bepaalde chemische stoffen met de windrichting mee veranderde. “Bijvoorbeeld: het percentage van stof A in de som A+B of A+B+C+D nam hoe verder men van noord naar zuid bewoog, toe,” vertelt Wallraff. Die veranderingen resulteerden tevens in veranderingen in geur. Wallraff stelde dan ook dat duiven aan de hand van geuren vast kunnen stellen in welke richting hun huis te vinden is. Maar: dan moet deze het duivenhok natuurlijk al wel een keer verlaten hebben óf in het hok aan wind zijn blootgesteld. “Als het percentage van stofje A toeneemt met zuidelijke winden, leert een duif in een duivenhok in Würzburg deze met de wind samenhangende toename. Als de duif los wordt gelaten op een plek die zich 100 kilometer ten zuiden van zijn hok bevindt, ruikt de duif dat de verhouding van stofje A hoger is dan gemiddeld in het duivenhok het geval is en vliegt de duif naar het noorden.”

WIST U DAT…

…recent onderzoek suggereert dat postduiven hun thuis ook kunnen ‘horen’?

Model
Een fraaie hypothese. Maar klopt deze ook? Om dat te achterhalen ontwikkelde Wallraff een model waarmee hij aantoont dat virtuele duiven met enkel informatie over de wind en geuren hun weg naar huis kunnen vinden. “Met dit onderzoek wilde ik achterhalen of en op welke manier chemische stofjes in de atmosfeer nodig zijn om te navigeren. Om uiteindelijk de stofjes te identificeren die vogels daadwerkelijk gebruiken om de weg naar huis te vinden, moeten we weer met echte vogels aan de slag. Maar dat is nog verre toekomstmuziek.”

Het onderzoek lijkt in ieder geval weer een stukje van het mysterie dat de feilloos navigerende vogel omringt, op te lossen. Behalve het magnetisch veld en de zon, gebruikt de vogel ook geuren en de wind om zijn weg naar huis te vinden. Het verklaart waarom duiven tijdens eerdere onderzoeken moeite hadden om de weg naar huis te vinden wanneer ze in hun hok niet aan wind werden blootgesteld en/of hun reukvermogen was aangetast.