Daarmee is de start van de meteorologische lente één van de vroegste ooit.

Wie alweer uitkijkt naar het voorjaar kan zijn hart ophalen. Want door de extreem warme winter begint de lente dit jaar opvallend vroeg. Dat blijkt onder meer uit verschillende bloemen die veel eerder dan normaal in bloei staan.

Bloeiende planten
Overal om je heen zie je bloeiende bloembollen en komen struiken in blad. De ontwikkeling van planten loopt dit jaar dan ook enorm voor, zo schrijft Nature Today. Er zijn al veel bloeiende bloemen gespot, waaronder het sneeuwklokje, hazelaar, els, gele kornoelje, klein hoefblad, sleedoorn en speenkruid. Ook in 2016 kwamen de eerste bloeiende planten vroeg op gang. Destijds begon bijvoorbeeld het gele kornoelje al op 19 januari te bloeien. Dit jaar was de eerste bloeiende gele kornoelje op 3 februari een feit. Dat is nog steeds zeer vroeg. Normaal gesproken zou dat pas op 13 maart moeten gebeuren.


Sleedoorn
Momenteel komt ook de sleedoorn in Nederland in bloei. En dat is opvallend. In 2016 bloeide de sleedoorn het vroegst; namelijk al op 16 februari. Dit jaar zal waarschijnlijk 25 februari genoteerd gaan worden. En dat terwijl vijftig jaar geleden de bloei van de sleedoorn pas op 19 april begon.

De sleedoorn bloeit dit jaar ongekend vroeg: zo’n zes weken eerder dan normaal. Afbeelding: Arnold van Vliet

Het betekent dat dit jaar veel bloemen dus al veel eerder bloeien dan normaal. De ontwikkeling van planten loopt zo’n vijf weken voor op de gemiddelde ontwikkeling van vijftig jaar geleden. Bovendien begint de bloei zo’n 2,5 week eerder dan in de afgelopen negentien jaar het geval was. Zodoende is de start van de lente dit jaar één van de vroegste ooit. 2020 haalt nu samen met 2008 en 2016 de top drie.

Temperatuur
Het is allemaal te wijten aan relatief hoge temperaturen. De gemiddelde temperatuur in januari en februari gaat waarschijnlijk uitkomen op 6,8 graden Celsius. Dat is ongekend hoog. Zoals je al eerder op Scientias.nl kon lezen was afgelopen januari de warmste januarimaand ooit gemeten. En die trend zet zich nu voort. Sinds 1901 en waarschijnlijk sinds de start van de eerste thermometermetingen in 1706, waren januari en februari samen niet zo warm. December was bovendien ook zeer zacht. En het effect van deze hoge temperaturen zijn duidelijk zichtbaar in de natuur.


Metingen
Het fenologische netwerk De Natuurkalender onderzoekt hoe de timing van jaarlijks terugkerende verschijnselen in de natuur verschuift als gevolg van veranderingen in weer en klimaat. Hierbij komen ook veel vrijwilligers te pas die uit het hele land registreren wanneer het eerste sneeuwklokje, het eerste speenkruid of de eerste hazelaar bloeit, maar ook wanneer de eerste padden trekken, de eerste citroenvlinders verschijnen of de vinkenslag gehoord wordt. Deze eerste gebeurtenissen worden sterk bepaald door de temperatuur. In Nederland zijn al fenologische waarnemingen beschikbaar vanaf 1868. Vooral in de periode 1940 tot en met 1968 zijn veel waarnemingen verzameld. Deze periode, 1940-1968, beschouwen we als de normaal.

Ondanks dat de kalender aangeeft dat het eind februari is, staat de natuur al in de stand van eind maart of begin april. Ook de komende dagen zullen de temperaturen ongeveer vijf graden hoger liggen dan normaal. En dus zal de natuur ruim voor op schema blijven lopen.