Het bombardement bestond uit 30 tot 60 keer zoveel materiaal als de desastreuze planetoïde die de dinosaurussen fataal werd.

Onderzoekers zijn tot de verrassende ontdekking gekomen dat zo’n 800 miljoen jaar geleden de aarde geteisterd werd door een regen van planetoïden. Dat blijkt uit grondig onderzoek naar de… maan. Het bombardement moet alles behalve mals zijn geweest. Zo bestond de planetoïdenregen mogelijk uit zo’n 4-5 × 10^16 kg ruimtestenen. Dat is zo’n 30 tot 60 keer zoveel massa als de desastreuze planetoïde-inslag die het einde van het dino-tijdperk inluidde.

Maan
Aangenomen wordt dat de aarde eens in de 100 miljoen jaar wordt getroffen door een enorme planetoïde. Sporen hiervan zijn echter nauwelijks te achterhalen. “We vinden bijna geen inslagkraters van vóór 600 miljoen jaar geleden,” vertelt onderzoeker Kentaro Terada aan Scientias.nl. “Dat komt mede door grootschalige ijstijden en bepaalde afbraakprocessen die achtergelaten sporen voorgoed hebben uitgewist.” Om toch aan het licht te brengen of de aarde in een ver verleden geteisterd is door ruimtebrokken, besloten onderzoekers hun pijlen te richten op de maan. “We hebben de maan eigenlijk als ‘spiegel’ gebruikt voor de aarde,” vertelt Terada. Elke zwerm objecten die namelijk dichtbij genoeg komt om de maan te raken, zal waarschijnlijk ook de aarde havenen. En dus kan onderzoek naar de maan inzicht verschaffen in het verre verleden van onze planeet. “Op de maan komt bijna geen erosie voor,” gaat Terada verder. “Hierdoor zijn kenmerken van mogelijke inslagen op de maan goed bewaard gebleven.”


Kraters
De onderzoekers besloten met behulp van de Terrain Camera (TC) aan boord van het Japanse ruimtevaartuig Kaguya de leeftijd van 59 maankraters te bepalen. Al deze kraters zijn minstens 20 kilometer in doorsnee. De onderzoekers namen bijvoorbeeld de bekende inslagkrater Copernicus onder de loep – die een diameter heeft van zo’n 93 kilometer – en de omliggende kleine kratertjes. Hieruit rolde vervolgens een interessante conclusie. Want uit de bevindingen blijkt dat acht – en mogelijk zelfs zeventien – van de 59 kraters zo’n 800 miljoen jaar geleden gelijktijdig zijn gevormd.

Afbeelding: Osaka University

Ervan uitgaande dat dezelfde planetoïdenregen die de maan bombardeerde ook de aarde zou hebben getroffen, berekenden de onderzoekers dat 40 biljoen tot 50 biljoen ton ruimtepuin onze planeet zou hebben geraakt. Zoals gezegd is dit zo’n 30 tot 60 keer zoveel materiaal als de desastreuse planetoïde die de dinosaurussen fataal werd. Wat de impact van de planetoïdenregen op de jonge aarde is geweest, is echter onbekend. “We weten niet of deze stenenregen de aardse omgeving heeft beschadigd of juist de evolutie en diversiteit van leven heeft bevorderd,” vertelt Terada desgevraagd. “Wel suggereren de bevindingen uit onze studie dat de stroom van buitenaards, biologische elementen mogelijk de mariene biogeochemische kringloop heeft beïnvloed.” Het zou dus kunnen dat de inslag het startschot betekende van een tijdperk van grote ecologische en biologische veranderingen.

Ryugu en Bennu
Maar dat is nog niet eens het enige verrassende. Gezien de leeftijd van de planetoïdenregen suggereren de onderzoekers dat er mogelijk een verband bestaat tussen het bombardement en de planetoïde Eulalia die zo’n 830 miljoen jaar geleden werd gevormd. “Eulalia wordt beschouwd als het ouderlichaam van planetoïde van het C-type, zoals Ryugu en Bennu die momenteel door Hayabusa- 2 en OSIRIS-Rex worden bestudeerd,” vertelt Terada. “Ryugu en Bennu bestaan allebei een talloze stukjes rots die onder invloed van de zwaartekracht zijn samengesmolten. Dit is onomstotelijk bewijs dat ze een catastrofale verstoring van het ouderlichaam hebben ervaren. En zo’n zelfde catastrofale verstoring van het ouderlichaam ligt ten grondslag aan de planetoïdenregen.” Het betekent dat er mogelijk ook een verband bestaat tussen Ryugu en Bennu en de kosmische inslagen op de aarde en de maan. Restanten van die inslag bevinden zich mogelijk dus nog steeds in de buurt van de aarde. Of er inderdaad een connectie bestaat tussen de twee planetoïden en de inslagen in het aarde-maan-systeem moet toekomstig onderzoek uitwijzen. Monsters van zowel Ryugu als Bennu zullen namelijk mee terug naar de aarde worden genomen, waarna het materiaal grondig zal worden bestudeerd.


Meer over Ryugu en Bennu
Ryugu en Bennu zijn twee planetoïden die momenteel grondig worden onderzocht. Wetenschappers zijn bijvoorbeeld bezig om de twee planetoïden met elkaar te vergelijken en zo meer inzicht te krijgen in de planetoïdenpopulatie in het algemeen. Tot op heden blijken Bennu en Ryugu aardig wat overeenkomsten te hebben. Ze hebben een vergelijkbare vorm, zijn extreem donker en bedekt met grote keien. Maar er zijn ook verschillen. Zo bevat Ryugu veel minder water dan Bennu. En onderzoekers kunnen dat op dit moment nog niet verklaren. De komende jaren zullen we nog veel meer over Ryugu en Bennu te weten komen. Zowel Hayabusa 2 als OSIRIS-REx keren over een paar jaar namelijk terug naar de aarde om daar materiaal af te leveren dat ze op de planetoïden hebben verzameld. Het zal ongetwijfeld meer inzicht geven in de samenstelling van de planetoïden en de rol die zij in ons zonnestelsel en het ontstaan van leven spelen.

De bevindingen uit de studie leveren belangrijke nieuwe informatie op. Terada benadrukt dan ook het belang van onderzoek naar voormalige inslagen op aarde. “Door het verleden te kennen kunnen we ook de toekomst voorspellen,” onderstreept hij. Bovendien krijgen we nu een steeds beter beeld van de geschiedenis van de aarde en wat onze planeet in het verleden allemaal al te verduren heeft gekregen.