moulay

Moulay Ismaël Ibn Sharif, de keizer van Marokko, zou 888 kinderen verwekt hebben. Onderzoekers van de universiteit van Wenen testten deze mythe aan de hand van een model.

Volgens het Guinness Book of World Records zou Moulay Ismaël Ibn Sharif, de keizer van Marokko, de vader zijn van maar liefst 888 kinderen. Er bestaat echter nog heel wat discussie over dit aantal. Elisabeth Oberzaucher en Kal Grammer van de universiteit van Wenen onderzochten aan de hand van een model of het mogelijk is om zoveel kinderen te verwekken.

De Bloeddorstige
Oberzaucher en Grammer baseerden hun model op een historisch verslag dat geschreven werd door de Dominique Busnot, een Franse diplomaat. In 1704 meldde Busnot dat Moulay 600 kinderen had bij vier vrouwen en 500 concubines. De dochters van zijn vrouwen mochten blijven leven, maar die van zijn concubines werden verstikt door de vroedvrouwen. Naast zijn voorkeur voor zonen, wilde Moulay absolute zekerheid dat hij de vader was. Elke verdenking van overspel werd zwaar bestraft: de vrouwen werden door hemzelf gewurgd, of hun borsten werden afgesneden, of al hun tanden werden getrokken. Deze feiten leverden hem zijn bijnaam “de bloeddorstige” op. Gebaseerd op het verslag van Busnot, zou Moulay 1171 kinderen gehad hebben over een periode van 32 jaar.

Het model
Het simulatiemodel ging uit van 504 vrouwen (4 echtgenotes en 500 concubines). Het succes van de copulatie hing af van de levensvatbaarheid van het sperma (die afneemt met de leeftijd), de vruchtbaarheid van de vrouwen tijdens de cyclus en op de dag van copulatie. Als de copulatie succesvol was, werd er nog rekening gehouden met het afsterven van de foetus en de overleving van de kinderen. Alle gebruikte parameters werden gebaseerd op voorgaande studies.

De resultaten toonden aan dat de keizer zijn reproductieve succes bereikt kan hebben met minder copulaties dan tot nu toe gedacht. De historische verslagen zouden dus kunnen kloppen. Daarnaast bleek dat 65 tot 100 vrouwen voldoende waren om tot het grote aantal kinderen te komen. De enorme harem van 500 vrouwen had dus mogelijk een andere functie, zoals het weghouden van vrouwen bij andere mannen.

Jente Ottenburghs (1988) heeft sinds zijn Master Evolutie en Gedragsbiologie aan de Universiteit van Antwerpen een brede interesse voor evolutionaire biologie. Sinds mei 2012 werkt hij als PhD-student bij de Resource Ecology Group aan de Universiteit van Wageningen. Meer informatie over zijn onderzoek vindt u hier. En neem ook eens een kijkje op zijn blog waarop – hoe kan het ook anders – de evolutie eveneens centraal staat.